Besluit van de Waalse Regering betreffende de noodmaatregelen inzake de budgetmeter. - Erratum
Texte original :
Ajoutez le document à un dossier
()
pour commencer à l'annoter.
Bovenvermeld besluit, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 20 maart 2020, op bladzijde 16.606, wordt vervangen als volgt :
« WAALSE OVERHEIDSDIENST
18 MAART 2020. - Besluit van de Waalse Regering betreffende de noodmaatregelen inzake de budgetmeter
De Waalse Regering,
Gelet op het decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de gewestelijke elektriciteitsmarkt, inzonderheid op artikel 33/bis 2;
Gelet op het decreet van 19 december 2002 betreffende de organisatie van de gewestelijke gasmarkt, inzonderheid op artikel 32;
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, artikel 3, § 1;
Gelet op de dringende noodzakelijkheid;
Gelet op de uitzonderlijke gezondheidscrisis in verband met COVID-19 waardoor noodmaatregelen inzake de budgetmeter nodig zijn;
Op de voordracht van de Minister van Energie;
Na beraadslaging,
Besluit :
Artikel 1. De distributienetbeheerders nemen alle nodige maatregelen om een onderbreking van de levering van elektriciteit of gas tussen woensdag 18 maart en dinsdag 30 juni 2020, als gevolg van het gebruik van de voorafbetalingsfunctie, te voorkomen.
De distributienetbeheerder deelt de afnemers de voorwaarden en modaliteiten mee die nodig zijn om voor die maatregelen in aanmerking te kunnen komen. Hij zorgt ervoor om een voorziening in te voeren voor de afnemers die zich niet meer kunnen verplaatsen om die wijziging te kunnen bekomen. Hij ziet eveneens erop toe om de verplaatsingen zoveel mogelijk te beperken.
Art. 2. Gedurende de in artikel 1 bedoelde periode wordt er geen budgetmeter geplaatst en wordt er geen aanvraag om plaatsing bij de netbeheerders ingediend. Alle lopende procedures tot plaatsing van een budgetmeter worden geannuleerd. Afnemers blijven door hun leverancier overeenkomstig hun huidig contract bevoorraad.
Art. 3. Alle onderbrekingsprocedures worden gedurende de in artikel 1 bedoelde periode opgeschort, behalve om veiligheidsredenen.
Art. 4. De Regering kan de in artikel 1 bepaalde periode wijzigen en verlengen.
Art. 5. Dit besluit treedt in werking op 18 maart 2020.
Art. 6. De Minister van Energie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Namen, 18 maart 2020.
Voor de Regering:
De Minister-President,
E. DI RUPO
De Minister van Klimaat, Energie en Mobiliteit,
Ph. HENRY ».