Koninklijk besluit tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van bepaalde artikelen van het koninklijk besluit van 30 maart 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 tot instelling van een algemeen reglement betreffende de inkomensgarantie voor ouderen en van het koninklijk besluit van 13 augustus 2011 betreffende de betaling van de door de Rijksdienst voor Pensioenen betaalde uitkeringen
Texte original :
Ajoutez le document à un dossier
()
pour commencer à l'annoter.
FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de Grondwet, artikel 108;
Gelet op de wet van 1 april 1969 tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden, artikel 17, tweede lid;
Gelet op de wet van 27 juni 1969 betreffende het toekennen van tegemoetkomingen aan de mindervaliden, artikel 17, zoals van kracht vóór zijn opheffing door de wet van 27 februari 1987;
Gelet op de wet van 22 maart 2001 tot instelling van een inkomensgarantie voor ouderen, artikel 14 § 2;
Gelet op het koninklijk besluit van 30 maart 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 tot instelling van een algemeen reglement betreffende de inkomensgarantie voor ouderen en van het koninklijk besluit van 13 augustus 2011 betreffende de betaling van de door de Rijksdienst voor Pensioenen betaalde uitkeringen, artikel 7;
Gelet op het advies van het Beheerscomité van de Federale Pensioendienst, gegeven op 17 december 2018;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën gegeven op 21 februari 2019;
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting gegeven op 1 maart 2019 ;
Gelet op de hoogdringendheid gemotiveerd door het feit dat de nieuwe procedure in werking treedt op 1 juli 2019 en dat de dienstverlener belast door de FPD om de nieuwe procedure uit te voeren evenals de FPD 4 maanden nodig hebben om over te gaan tot de informaticaontwikkelingen en -aanpassingen zodat de procedure effectief is op 1 juli 2019.
Gelet op het advies nr. 65.478/1 van de Raad van State, gegeven op 26 februari 2019, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 3°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op de voordracht van de Minister van Pensioenen,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1. Artikel 2, 2° tot 5°, het artikel 3, 1°, 3° en 4° en het artikel 6, 1° van het koninklijk besluit van 30 maart 2018 tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 mei 2001 tot instelling van een algemeen reglement betreffende de inkomensgarantie voor ouderen en van het koninklijk besluit van 13 augustus 2011 betreffende de betaling van de door de Rijksdienst voor Pensioenen betaalde uitkeringen, treden in werking op 1 juli 2019.
Art. 2. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 3. De minister bevoegd voor Pensioenen is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 10 maart 2019.
FILIP
Van Koningswege :
De Minister van Pensioenen,
D. BACQUELAINE