Nous sommes très heureux de voir que vous aimez notre plateforme ! En même temps, vous avez atteint la limite d'utilisation... Inscrivez-vous maintenant pour continuer.
Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 12 december 2000 betreffende de algemene regels inzake de lineaire obligaties
Texte original :
Ajoutez le document à un dossier
()
pour commencer à l'annoter.
De Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën,
Gelet op de wet van 2 januari 1991 betreffende de markt van de effecten van de overheidsschuld en het monetair beleidsinstrumentarium, gewijzigd bij de wetten van 22 juli 1991, 28 juli 1992, 22 maart, 22 juli en 6 augustus 1993, 4 april 1995, 18 juni en 12 december 1996, 15 juli en 30 oktober 1998, 28 februari en 2 augustus 2002, 15 december 2004, 14 december 2005, 2 juni 2010, 3 maart 2011, 25 april 2014, 25 oktober en 25 december 2016, 30 juli 2018 en bij het koninklijk besluit van 13 juni 2001, inzonderheid op hoofdstuk I;
Gelet op de Financiewet van 20 december 2019 voor het begrotingsjaar 2020, inzonderheid op artikel 5, § 1, 1° ;
Gelet op het koninklijk besluit van 23 januari 1991 betreffende de effecten van de Staatsschuld, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 22 juli 1991, 10 februari 1993, 14 juni en 16 november 1994, 30 september en 3 december 1997, 26 november 1998, 20 januari 1999, 11 juni 2001, 5 maart 2006, 26 april 2007, 31 mei 2009, 18 juni 2014 en van 19 november 2015;
Gelet op het koninklijk besluit van 16 oktober 1997 betreffende de lineaire obligaties, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 11 december 1998, 6 december 2000, 19 maart 2002, 26 maart 2004, 18 juli en 31 oktober 2008, 21 juni 2011, en van 25 december 2016;
Gelet op het koninklijk besluit van 20 december 2007 betreffende de lineaire obligaties, de gesplitste effecten en de schatkistcertificaten, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 3 maart 2011, 19 maart 2012 en 18 juli 2017, inzonderheid op artikel 16;
Gelet op het ministerieel besluit van 12 december 2000 betreffende de algemene regels inzake de lineaire obligaties, gewijzigd bij de ministeriële besluiten van 22 maart 2002, 26 maart 2004, 21 juni 2011, 4 september 2014 en van 23 december 2016;
Overwegende dat het noodzakelijk is om het ministerieel besluit van 12 december 2000 betreffende de algemene regels inzake de lineaire obligaties aan te passen met enkele technische wijzigingen, zoals de regeling van de optional reverse inquiry facility en het stopzetten van het statuut van recognized dealer,
Besluit :
Artikel 1. In artikel 1 van het ministerieel besluit van 12 december 2000 betreffende de algemene regels inzake de lineaire obligaties, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt: "1° primary dealers : een korps van markthouders bedoeld in artikel 16 van het koninklijk besluit van 20 december 2007 betreffende de lineaire obligaties, de gesplitste effecten en de schatkistcertificaten";
b) de bepaling onder 2° wordt vervangen als volgt: "2° optional reverse inquiry facility : een aanbesteding op vraag van een of meerdere primary dealers om specifieke lineaire obligaties voor een beperkt bedrag uit te geven".
Art. 2. In artikel 6 van hetzelfde besluit, worden de woorden "en de recognized dealers" en "of een recognized dealer" opgeheven.
Art. 3. Artikel 13 van hetzelfde besluit, wordt aangevuld door een derde lid, luidende als volgt:
"Deze inschrijving buiten mededinging is niet mogelijk voor de optional reverse inquiry facility.".
Art. 4. Artikel 14 van hetzelfde besluit, wordt aangevuld als volgt:
" § 4. De inschrijvingen buiten mededinging, vermeld in de paragrafen 1 tot en met 3, zijn niet mogelijk voor de optional reverse inquiry facility".
Art. 5. In artikel 14 van hetzelfde besluit, worden de woorden "Het Muntfonds en de Deposito- en Consignatiekas kunnen" vervangen door de woorden "De Deposito- en Consignatiekas kan".
Art. 6. Artikel 20 van hetzelfde besluit, wordt vervangen als volgt:
"Enkel de primary dealers en de Deposito- en Consignatiekas mogen deelnemen aan de omruilingen."
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2020.
Brussel, 20 januari 2020.
A. DE CROO