- Decision du 18 janvier 2012

18/01/2012 - M10-7-1231/7770

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

I. Feiten

Verzoekster was in de periode van januari 1998 tot mei 2006 regelmatig het slachtoffer van slagen en verwondingen toegebracht door haar gewezen echtgenoot Davy Z.. Op 16 mei 2006 werd zij daarenboven het slachtoffer van slagen en verwondingen met arbeidsongeschiktheid tot gevolg.

II. Vervolging

II.1. Bij vonnis van de Correctionele Rechtbank te ... d.d. 18 december 2007 werd Davy Z. (geboren op 4 januari 1966) bij verstek veroordeeld tot een effectieve gevangenisstraf van vijftien maanden wegens :

"Te Komen en/of bij samenhang elders in het Rijk,

A. meermaals, tussen 1 januari 1998 en 17 mei 2006, opzettelijke slagen en verwondingen

te hebben toegebracht aan X. Virginie, met de omstandigheid dat de schuldige het

misdrijf pleegde tegen zijn echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft of

samengeleefd heeft en een duurzame affectieve en seksuele relatie heeft of gehad

heeft.

B. op 16 mei 2006, opzettelijke slagen en verwondingen te hebben toegebracht aan X.

Virginie, die voor deze een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke

arbeid ten gevolge hadden, met de omstandigheid dat de schuldige het misdrijf pleegde

tegen zijn echtgenote of de persoon met wie hij samenleeft of samengeleefd heeft en een

duurzame affectieve en seksuele relatie heeft of gehad heeft.

C. meermaals, tussen 23 mei 2006 en 3 juni 2006, X. Virginie, te hebben belaagd

terwijl hij wist of had moeten weten dat hij door zijn gedrag de rust van die persoon ernstig

zou verstoren, met de omstandigheid dat hij het misdrijf gepleegd heeft sedert hij door het

vonnis d.d. 3 december 1996 uitgesproken door de Correctionele Rechtbank te ... en

dat kracht van gewijsde had op het ogenblik der feiten, veroordeeld werd uit hoofde van

onwettig bezit van verdovende middelen, tot een gevangenisstraf van 2 jaar met uitstel van

5 jaar en voordat vijf jaar zijn verlopen sinds 3 december 2001, datum waarop de straf is

ondergaan of verjaard. "

II-2. Terzake de burgerlijke belangen werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling van

euro 1.771,04 provisoneel meer de intresten.

II-3. Uit een schrijven van de procureur des Konings te ... blijkt dat enkel tegen het strafrechtelijk onderdeel van het vonnis verzet werd aangetekend.

Bij vonnis dd. 12 februari 2008 werd hij veroordeeld tot een werkstraf van 150 uren of een vervangende gevangenisstraf van 12 maanden.

III. Gevolgen van de feiten voor verzoekster

Attest dd. 29/05/2006, tandarts L. M.

Ingevolge de sub I vermelde feiten is er geen tandbreuk vastgesteld, de centrale snijtand bovenaan (tand 21) is gevoelig bij aanraking en gevoeligheid zal verdwijnen na een 15-tal dagen. Breuk van hoek tand 31, mogelijke necrose kan in beide gevallen later optreden en regelmatig nazicht is nodig.

Attest dd. 23/09/2006, dr. P. M.

Huidige anamnese:

Patiënte was slachtoffer van agressie, zij kreeg een kopstoot en liep daarbij een faciaal trauma op en een schedeltrauma en werd opgenomen ter observatie. Zij vertoonde de volgende letsels:

- een commotio cererbri

- een contusio van de neus met rhinnoraghie

- een wonde thv. de bovenlip

- een hemathoom thv. de mucosa van de bovenlip

- losse tanden thv. de bovenste tandenrij

- een gebroken tand thv. de onderkaak

Behandeling

Patiënte werd ter observatie opgenomen op de dienst neurologie ter observatie van de commotio cererbri en ter controle van een hypertensieve opstoot.

Zij kon het ziekenhuis verlaten op 19 /05/2006.

Arbeidsongeschiktheid van 3 weken.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

* Het sub II vermeld vonnis d.d. 12 februari 2008 werd bij deurwaardersexploot d.d. 4 augustus betekend, uitvoerend beslagen op roerend goed werden telkens omgezet in een PV van niet-bevinding.

Het OCMW van ... deelt mee dat als gevolg van de zware schuldenlast van het gezin en de beperkte inkomsten (beiden genieten een ziekte-uitkering) collectieve schuldenregeling de enige mogelijkheid is, zodat er absoluut geen betaalmogelijkheid is. Op 3 oktober 2011 verklaart verzoekster dat zij noch Davy Z. toegelaten zijn tot de collectieve schuldenregeling.

* vermits de veroordeelde en het slachtoffer deel uitmaakten van hetzelfde gezin is er van enige tussenkomst vanwege de familiale verzekeraar geen sprake.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een financiële hulp van euro 2.697,19, meer de vergoedende intresten.

- medische kosten: euro 472,04

- morele schade TAO: euro 549,00

- hosp. van 16.05.06 t.e.m. 19.05.06 : 4 d. x euro 31 = euro 124

- 100% van 20.05.06 t.e.m. 06.06.06:17 d. x euro 25 = euro 425

- morele schade wegens stalking: euro 750,00

- procedurekosten: euro 926,15

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985:

"Voor de toekenning van een hulp aan de personen als bedoeld in artikel 31, 1°, steunt de commissie uitsluitend op de volgende bestanddelen van de geleden schade :

1° de morele schade, rekening houdend met de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

2° de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten;

3° de tijdelijke of blijvende invaliditeit;

4° een verlies of vermindering aan inkomsten ten gevolge van de tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid;

5° de esthetische schade;

6° de procedurekosten;

7° de materiële kosten;

8° de schade die voortvloeit uit het verlies van een of meer schooljaren."

‘Intresten' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor een hulp. Het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt is hier niet van toepassing; immers de schuldenaar van de toegekende hulp, zijnde de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. De zienswijze van de Commissie ten aanzien van de intresten werd bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006.

De gevraagde schadepost ‘ morele schade wegens stalking' kan evenmin aanvaard worden voor een financiële hulp omdat deze eerder moet beschouwd worden als een vorm van morele schade voortspruitend uit de feiten an sich. Bijgevolg, indien de Commissie tóch een hulpbedrag zou toewijzen voor deze post, dan zou dubbel gebruik worden gemaakt van artikel 32, §1, 1° op basis van welke bepaling de Commissie de post ‘TWO moreel' reeds in aanmerking neemt.

Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten en de opgelopen schade en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten, meent de Commissie aan verzoekster in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 1.947.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 1.947.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 18 januari 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 4 november 2010 waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.