- Decision du 29 mars 2012

29/03/2012 - M12-1-0086/8719

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Verzoeker liep op 28 juli 2011 over straat en was op weg naar zijn vriendin. Hij kwam een onbekende man tegen die hem achtervolgde. De man bleek te wonen in hetzelfde appartementsgebouw als de vriendin van verzoeker (waarmee zij al woorden had gehad) en volgde hem tot vlak aan de deur waar de vriendin woonde op de 5de verdieping. Plots stak de man twee vingers in het rechteroog van verzoeker.

Verzoeker trachtte verdere slagen te ontkomen door naar beneden te lopen maar de man bleef hem op de huid zitten. Buiten kreeg verzoeker nog vuistslagen toegediend en stampen in het gelaat toen hij op de grond lag.

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 20 oktober 2011 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd de volgende tenlastelegging bewezen verklaard in hoofde van de genaamde Carim Z. (° 1980), en waarvoor deze veroordeeld werd tot 2 jaar gevangenisstraf:

(vertaald uit de Franse taal)

"in het gerechtelijk arrondissement te ... op 28 juli 2011 :

Opzettelijke verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan Joseph X. die voor deze een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge hadden."

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling van de provisie van

euro 2.500 (gemengd moreel-materieel) meer de intresten.

Dr. B. werd aangewezen als geneesheer-deskundige met de gebruikelijke opdrachten.

Z. werd tevens veroordeeld tot provisionering van de gerechtsdeskundige t.b.v. euro 1.500.

Aangezien noch de dader noch verzoeker in de financiële mogelijkheid blijken te verkeren om de gerechtsdeskundige te provisioneren, werd deze nog niet in werking gesteld.

III. Begroting van de gevraagde noodhulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een noodhulp of hoofdhulp van euro 2.500 voor moreel-materiële schade + euro 1.500 provisie deskundige, conform het tussenvonnis.

De veroordeelde, eerst gedetineerd in Vorst, verblijft thans in de gevangenis te Sint-Gillis. Uit een brief dd. 9 januari 2012 van zijn raadsman blijkt dat de man niet in staat is om de gerechtsdeskundige te provisioneren.

Verzoeker, die verklaart geen enkele verzekering te hebben afgesloten die kan tussenkomen in de opgelopen schade, stelt evenmin de provisie te kunnen betalen.

IV. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De voorwaarden tot toekenning van een noodhulp worden opgesomd in artikel 36 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen:

"Onverminderd de toepassing van de artikelen 31 tot 33, § 1, kan de commissie een noodhulp toekennen wanneer elke vertraging bij de toekenning van de hulp de verzoeker een ernstig nadeel kan berokkenen, gelet op zijn financiële situatie.

De noodhulp wordt per schadegeval en per verzoeker toegekend voor schade boven 500 euro en is beperkt tot een bedrag van 15 000 euro.

De noodhulp kan aangevraagd worden zodra de ontploffing of de reddingsdaad zich hebben voorgedaan en, voor de slachtoffers van opzettelijke gewelddaden, vanaf de burgerlijke partijstelling of de indiening van een klacht.

Wanneer het gaat om de kosten bedoeld in artikel 32, § 1, 2°, is de dringendheid altijd verondersteld. Artikel 33, § 1, is niet van toepassing wanneer de commissie zich uitspreekt over het verzoek tot tenlasteneming van deze kosten. Het reële bedrag van de kosten wordt door de commissie in aanmerking genomen, zonder toepassing van de beperking die bepaald wordt in het tweede lid."

Luidens de eerste alinea van het hierboven geciteerd artikel 36 kan de Commissie aan het slachtoffer een noodhulp toekennen indien het in financiële moeilijkheden verkeert. Een uitzondering op deze voorwaarde wordt gemaakt voor de medische kosten en de ziekenhuiskosten, met inbegrip van de prothesekosten (zie het laatste lid van artikel 36: "de kosten bedoeld in artikel 32, § 1, 2°"): voor deze kosten wordt de dringendheid verondersteld.

Verzoeker legt naar behoren overtuigingsstukken neer ter staving van zijn medische en farmaceutische uitgaven waaruit een totale kost van euro 397,20 blijkt. Hiervoor kan zonder meer een noodhulp worden toegekend.

Het behoort tevens tot de vaste rechtspraak van de Commissie om een noodhulp toe te kennen ter provisionering van de medisch deskundige.

Aanvragen om noodhulp voor schadeposten waarvoor geen hoogdringendheid kan worden weergehouden, zoals bijvoorbeeld morele en esthetische schade, worden niet weerhouden. Na neerlegging van het deskundigenverslag, kunnen dergelijke posten desgevallend worden opgenomen in de schadebegroting met het oog op het bekomen van een financiële hoofdhulp.

Overeenkomstig artikel 30, § 3, tweede lid, van de wet houdt de voorzitter van de kamer als enig lid zitting inzake verzoeken om noodhulp.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoeker een noodhulp toe van euro 1.897,20.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 29 maart 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN C. DELESIE

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 1 februari 2012, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een noodhulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.