- Decision du 20 août 2012

20/08/2012 - M10-3-0958/7642

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Uit het PV van verhoor van verzoeker (..43.LB. ../2008):

"Op 28 augustus 2008 omstreeks 23 u. liep ik in de B.straat te .... Ik was op weg samen met mijn vriendin naar mijn appartement. Onderweg zagen we dat er mensen waren met te verhuizen. De verhuizers maakten enorm kabaal. Mijn vriendin vroeg de mannen om het wat rustiger aan te doen. De man op de laadbrug antwoordde op een agressieve manier dat we verder moesten lopen zodat ze verder konden werken. We gingen verder naar ons appartement. Ik hoorde dat de man op de laadbrug mijn vriendin nariep in de zin van "kutwijf hou je bakkes".

Toen verzoeker hieromtrent een opmerking ging maken en de man op de laadbrug er beleefd op wees dat hij zijn vriendin zo niet hoefde te noemen werd hij door de man tegen het hoofd geschopt. Verzoeker kwam hierdoor ten val.

II. Vervolging

- Bij tussenvonnis d.d. 6 mei 2009 werd Dokter B. V. aangesteld als gerechts-deskundige.

- Bij vonnis van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ... d.d. 4 november 2009 werd Patrick Z. bij verstek veroordeeld tot een hoofdgevangenisstraf van 10 maanden wegens:"opzettelijke slagen en verwondingen te hebben toegebracht aan V. Johannes; de slagen of verwondingen hebbende een ziekte of ongeschiktheid tot het ver-richten van persoonlijke arbeid, ten gevolge gehad".

- op strafrechtelijk gebied: tot een hoofdgevangenisstraf van 10 maanden

- op burgerlijk gebied: tot betaling van euro 39.254,92 aan verzoeker, en

- euro 2.000 voor de rechtsplegingsvergoeding.

Het vonnis is in kracht van gewijsde getreden.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

- Vermits de dader op 22 augustus 2008 ambtshalve werd geschrapt en hij bijgevolg zonder gekende woon- of verblijfplaats is, werd bovenvermeld vonnis door de gerechtsdeurwaarder betekend aan de Procureur des Konings te ....

- Verzoeker verklaart dat hij op het ogenblik van de feiten niet over een familiale polis noch over een polis rechtsbijstand beschikte.

- Hij verklaart dat hij geen juridische bijstand heeft genoten.

IV. Gevolgen van de feiten voor verzoeker

Uit het deskundig verslag van Dokter B. V.:

"De heer V. kreeg een trap tegen de onderkaak en liep een drievoudige onderkaakfractuur op. Dit werd heelkundig behandeld op 29.08.2008 met ziekenhuisontslag op 30.08.2008. Betrokkene heeft een belangrijk whiplashletsel opgelopen bij een verkeersongeval in 1999, met nog flink wat klachten zij het minderend op het ogenblik van de feiten. Deze whiplashproblematiek is terug opgeflakkerd. Het ongeval is ook gepaard gegaan met een lichte hersenschudding.

Betrokkene stelt dat hij 3 maanden arbeidsongeschikt gebleven is als zelfstandige, niet geattesteerd. Ondergetekende is van mening dat partiële werkhervatting vroeger mogelijk moet geweest zijn. (zie hierna: punt V: begroting van de gevraagde hulp {*}).)

Op 03.03.2009 werd het ostheosyntesemateriaal heelkundig weggenomen, in dagkliniek.

Enige blijvende verergering van voorafbestaand whiplashprobleem is aanvaardbaar; milde post-commotionele klachten, klachten na zulke onderkaakfracturen. Er is geen bewezen causaal verband tussen het ongeval en een eventuele speekselkliersteen. Belangrijk is wel dat er voosheid rest aan de onderlip rechts en dit mag als definitief beschouwd worden. Voor deze sequelen kan er blijvende invaliditeit van 4 % toegekend worden. De menselijke schade kan als volgt ingeschat worden:

tijdelijke arbeidsongeschiktheid:

100 % van 28.08.2008 tot en met 30.09.2008

50 % van 01.10.2008 tot en met 31.10.2008

30 % van 01.11.2008 tot en met 30.11.2008

20 % van 01.12.2008 tot en met 31.12.2008

100 % op 03.03.2009

tijdelijke invaliditeit:

15 % van 01.01.2009 tot en met 31.01.2009

10 % van 01.02.2009 tot en met 02.03.2009

5 % van 04.03.2009 tot en met 15.06.2009

consolidatiedatum: 16 juni 2009. Verzoeker was op dat ogenblik 45 jaar.

blijvende invaliditeit: 4 %, geen meerinspanning, geen blijvende arbeidsongeschiktheid;

esthetische schade: geen."

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt de Commissie een hulp van euro 39.254,92, samengesteld als volgt:

- kledijschade ex aequo et bono euro 250,00

- administratie- en verplaatsingskosten ex aequo et bono euro 125,00

- medische kosten euro 298,17

- inkomstenverlies euro 30.000,00

- TAO moreel euro 1.660,50

100 % van 28.08.2008 t/m 30.09.2008: 32 d. x euro 25,00 + 2 d. x 31,00 = euro 862,00

50 % van 01.10.2008 t/m 31.10.2008 31 d. x euro 12,50 = euro 387,50

30 % van 01.11.2008 t/m 30.11.2008: 30 d. x euro 7,50 = euro 225,00

20 % van 01.12.2008 t/m 31.12.2008: 31 d. x euro 5,00 = euro 155,00

100 % op 03.03.2009 euro 31,00

- T.I. moreel euro 321,25

15 % van 01.01.2009 t/m 31.01.2009: 31 d. x euro 3,75 = euro 116,25

10 % van 01.02.2009 t/m 02.03.2009: 30 d. x euro 2,50 = euro 75,00

5 % van 04.03.2009 t/m 15.06.2009: 104 d. x euro 1,25 = euro 130,00

- B.I. moreel 4 x euro 1.650 euro 6.600,00

- TOTAAL euro 39.254,92

- Procedurekosten euro 2.210,93

rechtsplegingsvergoeding euro 2.000,00

afschrift vonnis euro 2,00

betekening vonnis euro 208,93

- ALGEMEEN TOTAAL euro 41.465,85

Op de zitting van 26 juni 2012 past de verzoeker de gevraagde som voor inkomstenverlies aan tot euro 6.000.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de dader zijn quasi onbestaande.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

Wat de begroting van de schadeposten betreft merkt de Commissie op dat uit de ganse economie van de wet van 1 augustus 1985 duidelijk blijkt dat de financiële tegemoetkoming die door de Commissie wordt toegekend geen recht op schadeloosstelling uitmaakt, voorzien in het burgerlijk recht, zoals bijvoorbeeld de toepassing van art. 1382 B.W. of een vorm van tegemoetkoming voorzien in het sociale zekerheidsrecht.

Dat het een volledig op zich staande tegemoetkoming betreft, blijkt uit diverse elementen:

• De tegemoetkoming wordt toegekend vanuit de filosofie van een solidariteit van de maatschappij ten aanzien van de slachtoffers, of hun nabestaanden, van opzettelijke gewelddaden.

• De bevoegdheid tot toekenning van deze financiële tegemoetkoming werd niet aan de gewone rechtbanken toegekend, doch aan een specifiek daartoe opgericht administratief rechtscollege.

• Een specifieke rechtspleging is voorzien.

• Er is een limitatieve opsomming zowel wat betreft de rechthebbenden, als de schadeposten waarvoor tussenkomst kan worden gevraagd.

Het is dus duidelijk dat de wet van 1 augustus 1985 afwijkt van het gemeen recht.

Uit artikel 33, § 1 van de wet van 1 augustus 1985 volgt daarenboven dat het bedrag van de hulp naar billijkheid wordt bepaald. Volgens de voorbereidende werken is die beoordeling naar billijkheid zelfs het basisbeginsel van het stelsel (Parl.St. Senaat 1984-85 nr. 873/2/1°,8). Dit uitgangspunt verleent aan de Commissie een appreciatiebevoegdheid, zowel inzake de opportuniteit van de toekenning van een financiële hulp als inzake de bepaling van de omvang van het hulpbedrag.

Het is de Commissie beslist geoorloofd om de indicatieve tabel als leidraad te hanteren bij het begroten van de hulp (hetgeen zij in bepaalde gevallen effectief doet) maar zij is niet gebonden door deze tarieven noch door de erin opgenomen schadeposten.

Wat de gevraagde schadepost ‘inkomstenverlies' betreft, merkt de Commissie op dat de verzoeker weliswaar zijn vordering herleidt van euro 30.000 naar euro 6.000 maar dat er geen bijkomende stukken neergelegd werden zoals gevraagd in haar beslissing van 15 mei 2012 en in haar verslag van 26 januari 2012. De Commissie dient dan ook het inkomstenverlies naar billijkheid begroten.

De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985. ‘Intresten' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor een hulp. Het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt is hier niet van toepassing; immers de schuldenaar van de toegekende hulp, zijnde de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. De zienswijze van de Commissie ten aanzien van de intresten werd bevestigd bij arrest nr. 165.787 van de Raad van State d.d. 12 december 2006 (G. Bijnens t./ Belgische Staat).

Wat de gevraagde som van euro 6.600 voor de blijvende invaliditeit betreft, merkt de Commissie op dat dit het bedrag is dat, rekening houdend met de leeftijd van verzoeker, conform de indicatieve tabel toegekend wordt voor morele en materiële schade vermengd. De Commissie meent dan ook dat er aanleiding is om het gevraagde bedrag te halveren.

Rekening houdende met de ernst van de feiten, de door verzoeker opgelopen schade en de aanpassing van de schadepost ‘inkomstenverlies' meent de Commissie in billijkheid aan verzoeker een globale som te kunnen toekennen.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985, houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006;

Kent een hulp toe van euro 8.704.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 20 augustus 2012.

De secretaris a.i., De voorzitter,

P. VERHOEVEN P. DRAULANS

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 26 augustus 2010, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.