- Decision du 30 octobre 2012

30/10/2012 - M10-5-0464/7364

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Op 29 september 2006 werd mevrouw Jeannine Y. (° 1927), de moeder van verzoekster, op straat te ... het slachtoffer van een (poging tot) handtasdiefstal. Ze kreeg een fikse duw in de rug, kwam ten val en liep ernstige verwondingen op, als gevolg waarvan ze op 11 oktober 2006 in het ...ziekenhuis overleed.

II. Vervolging

Verzoekster stelde zich burgerlijke partij lastens onbekenden voor de Onderzoeksrechter te ....

Bij beschikking van de Raadkamer van de rechtbank van eerste aanleg te ... d.d. 12 juni 2008 werd de onderzoeksrechter ontlast van verder onderzoek wegens het onbekend blijven van de dader(s).

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

Bij gebrek aan geïdentificeerde dader(s) kan de schade niet op hem (hen) verhaald worden.

Verzoekster beschikt over een verzekering rechtsbijstand (Euromex), maar de daarin opgenomen waarborg ‘onvermogen van derden' is enkel van toepassing indien het gaat om een verkeersongeval (artikel 12, f van de polis).

IV. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van euro 9.322,55:

- medische kosten slachtoffer: euro 239,32 (1/4de van euro 957,27)

- begrafeniskosten: euro 1.583,23 (1/4de van euro 6.332,94)

- morele schade: euro 7.500,00

De medische kosten (kosten ambulance + ziekenhuis voor wijlen mevrouw Y.) en de begrafeniskosten werden door verzoekster en haar drie zussen voor elk één vierde gedragen.

V. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen

Voor de begrafeniskosten vraagt verzoekster om de toekenning van een hulp van euro 1.583,23, zijnde één vierde van het totaal bedrag van euro 6.332,94 (de begrafeniskosten werden door verzoekster en haar drie zussen elk voor één vierde gedragen).

De Commissie wenst aan te stippen dat het maximale bedrag van de hulp die voor deze schadepost kan toegekend worden, euro 2.000 bedraagt (artikel 32, § 2, 4°, van de wet van 1 augustus 1985 juncto artikel 2, eerste lid, van het K.B. van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders).

Aldus meent de Commissie dat aan verzoekster slechts een bedrag van euro 500 uit hoofde van de begrafeniskosten kan worden toegekend.

Met betrekking tot de morele schade wenst de Commissie op te merken dat dergelijke schade onmogelijk kan goedgemaakt worden door een geldelijke tegemoetkoming. Het moreel leed dat een verzoek(st)er ondervindt is niet in geld uit te drukken en valt niet te vergelijken met de waarde van welk tastbaar goed ook. Als men dan toch een vergoeding wenst toe te kennen, kan dat hooguit een vorm van troost zijn, een compensatie die tot doel heeft de pijn, de smart, het moreel leed te lenigen. Het gaat daarbij om een abstracte begroting van het leed.

Zich steunend op de door haar gehanteerde tarieven in analoge dossiers, meent de Commissie voor deze schadepost in billijkheid een hulp te kunnen toekennen van euro 3.750.

De gevraagde hulp voor de medische kosten kan integraal worden toegekend.

Gelet op het bovenstaande wordt aan verzoekster een hulp toegekend van euro 4.489,32.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 4.489,32.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 30 oktober 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 16 april 2010, waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.