- Decision du 30 octobre 2012

30/10/2012 - M11-5-1319/8647

Jurisprudence

Résumé

Samenvatting 1

Decision - Texte intégral

(...)

I. Feiten

Op 7 maart 2009 deed zich aan de Suikerrui te ... een vechtpartij voor, waarbij verzoeker zonder enige aantoonbare reden zwaar geslagen en gestampt werd door Roberto Z. en Manfred W.. Uit beelden van de bewakingscamera's bleek dat W. aan verzoeker een karateslag gaf, waarna verzoeker door beide mannen nog zwaar werd toegetakeld terwijl hij weerloos op de grond lag. De daders waren zwaar onder invloed van alcohol.

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 22 mei 2009 werden Roberto Z. en Manfred W., wegens het plegen van onder meer de sub I vermelde feiten, veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 18 maanden (Z.) en tot een autonome werkstraf van 100 uren (W.). Beiden werden tevens veroordeeld tot een geldboete van euro 550.

Op burgerlijk gebied werden voornoemden bij vonnis d.d. 30 september 2010 solidair veroordeeld tot betaling van een provisie van euro 1 aan verzoeker. Tevens werd Dr. W. J. als deskundige aangesteld, met de gebruikelijke opdracht.

Na neerlegging van het deskundig verslag werden Z. en W. bij vonnis d.d. 10 maart 2011 solidair veroordeeld tot betaling van de som van euro 9.768,98 meer intresten aan verzoeker.

Blijkens een attest van de griffie verkreeg laatstgenoemd vonnis kracht van gewijsde.

III. Gevolgen van de feiten

Tijdens de schermutseling brak het glas van de bril van verzoeker, waarbij er een stuk glas in zijn linkeroog terechtkwam.

Verzoeker heeft nog visusklachten (wazig / onscherp zicht in het linkeroog, moeilijkheden bij het autorijden, enz.).

In zijn deskundig verslag d.d. 22 december 2010 weerhoudt Dr. W. J. de volgende graden en periodes van tijdelijke arbeidsongeschiktheid:

100 % van 10.03.09 t.e.m. 20.03.09

40 % van 21.03.09 t.e.m. 31.03.09

20 % van 01.04.09 t.e.m. 30.04.09

15 % van 01.05.09 t.e.m. 31.05.09

10 % van 01.06.09 t.e.m. 30.06.09.

Er is consolidatie op 1 juli 2009, met een blijvende arbeidsongeschiktheid van 5 % (beschadiging cornea linkeroog).

De esthetische schade wordt geraamd op 1 op de schaal van 7 (litteken corneaal).

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

* Het sub II vermeld vonnis d.d. 10 maart 2011 werd bij deurwaardersexploot d.d. 18 mei 2011 aan Z. en W. betekend met bevel tot betalen bij exploot d.d. 21 juni 2011, maar hierop volgde geen reactie.

In zijn schrijven d.d. 12 juli 2011 deelt gerechtsdeurwaarder E. L. mee dat er geen uitvoeringsmogelijkheden zijn lastens beide veroordeelden.

* Verzoeker beschikt over een polis rechtsbijstand (DAS), maar hierin is geen waarborg ‘onvermogen van derden' opgenomen (zie e-mail DAS d.d. 8 november 2011 en eigen verklaring van verzoeker d.d. 19 oktober 2011).

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een hulp van euro 8.586,97 meer intresten:

- TAO morele schade: euro 801,25 (cf. vonnis d.d. 10.03.11)

100 % van 10.03.09 t.e.m. 20.03.09 : 14 d. x euro 25 = euro 350,00

40 % van 21.03.09 t.e.m. 31.03.09 : 11 d. x euro 10 = euro 110,00

20 % van 01.04.09 t.e.m. 30.04.09 : 30 d. x euro 5 = euro 150,00

15 % van 01.05.09 t.e.m. 31.05.09 : 31 d. x euro 3,75 = euro 116,25

10 % van 01.06.09 t.e.m. 30.06.09 : 30 d. x euro 2,50 = euro 75,00

- meerinspanningen in het huishouden: euro 560,72 (idem)

- blijvende arbeidsongeschiktheid: euro 6.875,00 (idem)

5 % x euro 1.375 per punt

- esthetische schade: euro 350,00 (idem)

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

De Commissie wenst te benadrukken dat ze geen integrale schadeloosstelling verzekert. Ze kan, naar billijkheid, slechts een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van voornoemde wet. ‘Meerinspanningen' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor de toekenning van een hulp.

Eenzelfde opmerking geldt met betrekking tot de intresten.

Het behoort overigens tot de constante rechtspraak van de Commissie - en deze vloeit voort uit de bedoeling van de wet - dat intresten niet in aanmerking komen voor een financiële hulp. De Commissie is van oordeel dat het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt, niet van toepassing is in het stelsel van financiële hulpverlening aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden. De schuldenaar van de toegekende hulp, met name de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. Bovendien brengt ook in het gemeen recht de toepassing van artikel 1382 van het Burgerlijk Wetboek niet mee dat de intresten automatisch verschuldigd zijn, vermits zij moeten gevraagd of gevorderd worden door het slachtoffer en de rechter ze niet mag toekennen wanneer een dergelijke vraag of vordering ontbreekt.

De Raad van State heeft zich in een uitvoerig gemotiveerd arrest bij de stellingname van de Commissie aangesloten (arrest nr. 165.787 van 12 december 2006).

Wat de schadepost ‘blijvende arbeidsongeschiktheid' betreft, stelt de Commissie vast dat er geen stukken voorliggen waaruit blijkt dat verzoeker inkomstenverlies zou geleden hebben. Aldus kan enkel rekening gehouden worden met de morele component van de ongeschiktheid. ‘Meerinspanningen', ‘verlies van de economische waarde huishoudelijke arbeid' en/of ‘loutere aantasting van de arbeidswaarde op de arbeidsmarkt (zonder loonverlies)' ressorteren immers niet onder de limitatief opgesomde schadeposten in artikel 32, § 1, van de wet.

Het komt dan ook passend voor het door verzoeker voor deze schadepost gevraagd bedrag, conform de indicatieve tabellen, te halveren.

De gevraagde hulp voor TAO morele schade en voor de esthetische schade kan integraal worden toegekend.

Gelet op het bovenstaande kent de Commissie in billijkheid een hulp toe van euro 4.588,75.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 4.588,75.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 30 oktober 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Mots libres

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 15 december 2011, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.