KONINKLIJK BESLUIT betreffende apotheekspecialiteiten.
- Section :
- Legislation
- Source :
- Numac 1920021050
Original text :
Add the document to a folder
()
to start annotating it.
Artikel M De artikels 3 en 4 van het koninklijk besluit van 1 Maart 1888, betreffende den verkoop van apotheekspecialiteiten, worden vervangen door de volgende schikkingen :
Artikel 1 De recipienten (bottels, flesschen, fleschjes, bokalen, ampullen, doozen, potten, enz.) welke geneesmiddelen, apotheekspecialiteiten geheeten, of scheikundige produkten met gedeponeerde benaming inhouden, moeten bekleed zijn met een aanhechtbriefje, in zeer leesbare karakters vermeldende en onder hunne benaming van de Belgische pharmacopoea of bij gebrek, onder hunne gebruikelijke benaming, met uitsluiting hunner scheikundige formuul, de stoffen die in hunne samenstelling gebruikt worden.
Indien het geneesmiddel te koop gesteld of onder eene bijzondere benaming verkocht wordt, ingeschreven is in de Belgische pharmacopoea, is het voldoende dat het aanhechtbriefje de officieel aangenomen benaming vermeldt.
Dit aanhechtbriefje mag hetzelfde zijn als datgene aan de apothekers opgelegd door artikel 32 van het koninklijk besluit van 31 Mei 1885 en bestemd, in gedrukte letters, den naam en het adres des apothekers te dragen.
Wanneer de apotheekspecialiteit eenige hoeveelheid giftstof bevat, namelijk een der stoffen welke in de lijst der krachtigwerkende geneesmiddelen der Belgische pharmacopoea voorkomen, moet het voorgeschreven aanhechtbriefje de hoeveelheden dezer stoffen in milligrammen aanduiden. Deze hoeveelheden worden herleid voor de geneesmiddelen voor inwendig gebruik tot deze welke de lijder in eens gebruikt, naarvolgens de gebruikswijze van het geneesmiddel.
Artikel 2 De berichten, brochuren en welkdanige prospectussen ook door dewelke de apotheekspecialiteiten en scheikundige produkten met gedeponeerde benaming aan het publiek aanbevoeln of bekend gemaakt worden, mogen er niet bijgevoegd worden, tenzij zij de in vorig artikel vereischte aanduidingen dragen.
Artikel 3 De overtredingen der bovenstaande schikkingen worden gestraft met de straffen voorzien bij artikel 6 der wet van 4 Oogst 1890, betreffende het vervalschen der eetwaren en geneeskrachtige stoffen, met voorbehoud van de toepassing der artikels 498, 500 tot 502 en 561 van het Strafwetboek, van de twee laatste alineas van artikel 4 en 2e alinea van artikel 6 der wet van 9 Juli 1858, indien de geneesmiddelen niet samengesteld zijn volgens de aanduidingen van het aanhechtbriefje.
Artikel 4 Tegenwoordig besluit zal van kracht worden op 1 Maart 1920.
Nochtans wordt een bijgevoegd uitstel van eene maand toegestaan voor hetgeen de produkten betreft van vreemden oorsprong en waarvan den invoer vóór 1 Maart gedaan geweest is.
Artikel 5 Onze Minister van Binnenlandsche Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Artikel 1 De recipienten (bottels, flesschen, fleschjes, bokalen, ampullen, doozen, potten, enz.) welke geneesmiddelen, apotheekspecialiteiten geheeten, of scheikundige produkten met gedeponeerde benaming inhouden, moeten bekleed zijn met een aanhechtbriefje, in zeer leesbare karakters vermeldende en onder hunne benaming van de Belgische pharmacopoea of bij gebrek, onder hunne gebruikelijke benaming, met uitsluiting hunner scheikundige formuul, de stoffen die in hunne samenstelling gebruikt worden.
Indien het geneesmiddel te koop gesteld of onder eene bijzondere benaming verkocht wordt, ingeschreven is in de Belgische pharmacopoea, is het voldoende dat het aanhechtbriefje de officieel aangenomen benaming vermeldt.
Dit aanhechtbriefje mag hetzelfde zijn als datgene aan de apothekers opgelegd door artikel 32 van het koninklijk besluit van 31 Mei 1885 en bestemd, in gedrukte letters, den naam en het adres des apothekers te dragen.
Wanneer de apotheekspecialiteit eenige hoeveelheid giftstof bevat, namelijk een der stoffen welke in de lijst der krachtigwerkende geneesmiddelen der Belgische pharmacopoea voorkomen, moet het voorgeschreven aanhechtbriefje de hoeveelheden dezer stoffen in milligrammen aanduiden. Deze hoeveelheden worden herleid voor de geneesmiddelen voor inwendig gebruik tot deze welke de lijder in eens gebruikt, naarvolgens de gebruikswijze van het geneesmiddel.
Artikel 2 De berichten, brochuren en welkdanige prospectussen ook door dewelke de apotheekspecialiteiten en scheikundige produkten met gedeponeerde benaming aan het publiek aanbevoeln of bekend gemaakt worden, mogen er niet bijgevoegd worden, tenzij zij de in vorig artikel vereischte aanduidingen dragen.
Artikel 3 De overtredingen der bovenstaande schikkingen worden gestraft met de straffen voorzien bij artikel 6 der wet van 4 Oogst 1890, betreffende het vervalschen der eetwaren en geneeskrachtige stoffen, met voorbehoud van de toepassing der artikels 498, 500 tot 502 en 561 van het Strafwetboek, van de twee laatste alineas van artikel 4 en 2e alinea van artikel 6 der wet van 9 Juli 1858, indien de geneesmiddelen niet samengesteld zijn volgens de aanduidingen van het aanhechtbriefje.
Artikel 4 Tegenwoordig besluit zal van kracht worden op 1 Maart 1920.
Nochtans wordt een bijgevoegd uitstel van eene maand toegestaan voor hetgeen de produkten betreft van vreemden oorsprong en waarvan den invoer vóór 1 Maart gedaan geweest is.
Artikel 5 Onze Minister van Binnenlandsche Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.