Koninklijk besluit betreffende de mededinging in het raam van de Europese Unie van bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten

Date :
24-06-2013
Language :
French Dutch
Size :
27 pages
Section :
Legislation
Source :
Numac 2013021067

Original text :

Add the document to a folder () to start annotating it.
Titel 1. Inleidende bepaling
Artikel 1 Dit besluit voorziet in de omzetting van Richtlijn 2004/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten.

Titel 2. Opdrachten geplaatst door privéondernemingen
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Sectie 1. Definities
Artikel 2 § 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° de wet : de wet overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten van 15 juni 2006;
  2° aanbestedende entiteit : de aanbestedende entiteit als bedoeld in artikel 2, 3°, van de wet;
  3° opdracht : de opdracht en elke overeenkomst, raamovereenkomst en ontwerpenwedstrijd als bedoeld in artikel 4 van de wet;
  4° technische specificaties :
  a) in geval van een opdracht voor werken : alle technische voorschriften, met name die welke zijn opgenomen in de opdrachtdocumenten, die een omschrijving geven van de vereiste kenmerken van een werk, een materiaal, een product of een levering en aan de hand waarvan een werk, een materiaal, een product of een levering zodanig kan worden omschreven dat dit beantwoordt aan het gebruik waarvoor het door de aanbestedende entiteit is bestemd. Tot deze kenmerken behoren ook het niveau van milieuvriendelijkheid, een ontwerp dat voldoet voor alle gebruik met inbegrip van de toegankelijkheid voor personen met een handicap, en de conformiteitsbeoordeling, gebruiksgeschiktheid, veiligheid of afmetingen, met inbegrip van kwaliteitswaarborgingsprocedures, terminologie, symbolen, proefnemingen en proefnemingsmethoden, verpakking, markering en etikettering en productieprocessen en -methoden. Zij omvatten eveneens de voorschriften voor het ontwerpen en het berekenen van het werk, de voorwaarden voor proefnemingen, controle en oplevering van de werken, alsmede de bouwtechnieken of bouwwijzen en alle andere technische voorwaarden die de aanbestedende entiteit bij algemene dan wel bijzondere maatregel kan voorschrijven met betrekking tot de voltooide werken en tot de materialen of bestanddelen waaruit deze werken zijn samengesteld;
  b) in geval van een opdracht voor leveringen of diensten : een specificatie die voorkomt in een document ter omschrijving van de vereiste kenmerken van een product of dienst, zoals het niveau van kwaliteit, het niveau van milieuvriendelijkheid, een ontwerp dat voldoet voor alle gebruik met inbegrip van de toegankelijkheid voor personen met een handicap, en de conformiteitsbeoordeling, gebruiksgeschiktheid, gebruik, veiligheid of afmetingen van het product, met inbegrip van de voor het product geldende voorschriften inzake handelsbenaming, terminologie, symbolen, proefnemingen en proefnemingsmethoden, verpakking, markering en etikettering, gebruiksaanwijzingen, productieprocessen en -methoden, en de procedures voor de conformiteitsbeoordeling;
  5° norm : een technische specificatie die door een erkende normalisatie-instelling voor herhaalde of voortdurende toepassing is goedgekeurd, waarvan de inachtneming niet verplicht is en die tot één van de volgende categorieën behoort :
  a) internationale norm: een norm die door een internationale normalisatie-instelling wordt aangenomen en ter beschikking van het publiek wordt gesteld;
  b) Europese norm : een norm die door een Europese normalisatie-instelling wordt aangenomen en ter beschikking van het publiek wordt gesteld;
  c) nationale norm : een norm die door een nationale normalisatie-instelling wordt aangenomen en ter beschikking van het publiek wordt gesteld;
  6° Europese technische goedkeuring : een gunstige technische beoordeling gesteund op de bevinding dat aan de essentiële eisen wordt voldaan waarbij een product, gezien zijn intrinsieke eigenschappen en de voor de toepassing en het gebruik ervan vastgestelde voorwaarden, geschikt wordt verklaard voor het gebruik voor bouwdoeleinden. De Europese technische goedkeuring wordt verleend door een daartoe door de lidstaat erkende instelling;
  7° gemeenschappelijke technische specificaties : technische specificaties die zijn opgesteld volgens een door de lidstaten erkende procedure die in het Publicatieblad van de Europese Unie wordt bekendgemaakt;
  8° technisch referentiekader : ieder ander product dan de officiële normen, dat door de Europese normalisatie-instellingen is opgesteld volgens procedures die aan de ontwikkeling van de marktbehoeften zijn aangepast;
  9° Uitvoeringverordening (EU) nr. 842/2011 : de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011 van de Commissie van 19 augustus 2011 tot vaststelling van standaardformulieren voor de bekendmaking van aankondigingen op het gebied van overheidsopdrachten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1564/2005.
  10° variante : een alternatieve conceptie- of uitvoeringswijze die hetzij op vraag van de aanbestedende entiteit, hetzij op initiatief van de inschrijver wordt ingediend;
  11° optie : een bijkomend element dat niet strikt noodzakelijk is voor de uitvoering van de opdracht, dat hetzij op vraag van de aanbestedende entiteit, hetzij op initiatief van de inschrijver wordt ingediend;
  § 2. Elk bedrag vermeld in dit besluit is een bedrag zonder belasting over de toegevoegde waarde.

Sectie 2. Toepassingsgebied
Artikel 3 Dit besluit is uitsluitend toepasselijk op de opdrachten die onder het toepassingsgebied van titel IV van de wet vallen.
  Een niet-limitatieve lijst van aanbestedende entiteiten in de zin van artikel 2, 3°, van de wet, vormt de bijlage 1 van dit besluit.

Sectie 3. Marktverkenning
Artikel 4 De aanbestedende entiteit mag vóór het aanvatten van een gunningsprocedure de markt verkennen met het oog op het opstellen van de opdrachtdocumenten en -specificaties, op voorwaarde dat die marktverkenning niet tot een verhindering of een vertekening van de mededinging leidt.

Sectie 4. Communicatiemiddelen
Artikel 5 § 1. Ongeacht of elektronische middelen worden gebruikt of niet, vindt de mededeling, uitwisseling en opslag van informatie op zodanige wijze plaats dat:
  1° de integriteit van de gegevens wordt gewaarborgd;
  2° de vertrouwelijkheid van de aanvragen tot deelneming en van de offertes wordt gewaarborgd, en dat de aanbestedende entiteit pas bij het verstrijken van de uiterste termijn kennisneemt van de inhoud ervan.
  § 2. Elk schriftelijk stuk dat met elektronische middelen werd opgesteld en dat in de ontvangen versie een macro, computervirus of andere schadelijke instructie vertoont, kan in een veiligheidsarchief worden opgenomen. Indien het stuk geen aanvraag tot deelneming of een offerte betreft, kan het, voor zover dit technisch noodzakelijk is, als niet ontvangen worden beschouwd. In dit geval wordt de afzender daarvan onmiddellijk op de hoogte gebracht.
  § 3. De aanbestedende entiteit kan het gebruik van elektronische middelen toestaan voor het uitwisselen, in de loop van de procedure, van schriftelijke stukken, andere dan aanvragen tot deelneming en offertes. De kandidaat of de inschrijver kunnen dit gebruik eveneens toestaan.
  In geval van toepassing van het eerste lid en, wanneer een bepaling van dit besluit voorschrijft dat een verzending plaatsvindt of wordt bevestigd per aangetekende brief, kan dit zowel met een fysieke aangetekende zending als met een elektronische aangetekende zending gebeuren, zij het telkens met ontvangstmelding.

Sectie 5. Technische specificaties en normen
Artikel 6 § 1. Overeenkomstig artikel 71, eerste lid, van de wet, neemt de aanbestedende entiteit de technische specificaties op in de opdrachtdocumenten. Waar mogelijk worden in deze technische specificaties toegankelijkheidscriteria in overweging genomen teneinde rekening te houden met de behoeften van alle gebruikers, inbegrepen de personen met een handicap.
  § 2. Onverminderd de verplichte nationale technische voorschriften, voor zover verenigbaar met het Europees recht, worden de technische specificaties als volgt aangegeven :
  a) hetzij door verwijzing naar de technische specificaties en - in volgorde van voorkeur - naar de nationale normen waarin Europese normen zijn omgezet, de Europese technische goedkeuringen, de gemeenschappelijke technische specificaties, internationale normen, andere door de Europese normalisatie-instellingen opgestelde technische referentiesystemen, of, bij ontstentenis daarvan, de nationale normen, de nationale technische goedkeuringen dan wel de nationale technische specificaties inzake het ontwerpen, het berekenen en het uitvoeren van werken en het gebruik van producten. Iedere verwijzing gaat vergezeld van de woorden "of gelijkwaardig";
  b) hetzij in termen van prestatie-eisen of functionele eisen. Deze kunnen milieukenmerken omvatten. Zij moeten echter zo nauwkeurig zijn dat de inschrijvers in staat zijn het voorwerp van de opdracht te bepalen en de aanbestedende entiteit in staat is de opdracht te gunnen;
  c) hetzij in de onder b) bedoelde termen van prestatie-eisen of functionele eisen, waarbij onder vermoeden van overeenstemming met deze prestatie-eisen of functionele eisen wordt verwezen naar de onder a) bedoelde specificaties;
  d) hetzij door verwijzing naar de onder a) bedoelde specificaties voor bepaalde kenmerken, en naar de onder b) bedoelde prestatie-eisen of functionele eisen voor andere kenmerken.
  § 3. Wanneer de aanbestedende entiteit gebruik maakt van de mogelijkheid te verwijzen naar de in paragraaf 2, a), bedoelde specificaties, kan ze echter geen offerte weren met als reden dat de aangeboden producten en diensten niet beantwoorden aan de specificaties waarnaar zij heeft verwezen, indien de inschrijver, tot voldoening van de aanbestedende entiteit, in zijn offerte met elk passend middel aantoont dat de door hem voorgestelde oplossingen op gelijkwaardige wijze voldoen aan de eisen van de technische specificaties.
  Een passend middel kan een technisch dossier van de fabrikant zijn of een testverslag van een erkende organisatie.
  § 4. Wanneer de aanbestedende entiteit gebruik maakt van de in paragraaf 2 geboden mogelijkheid prestatie-eisen of functionele eisen te stellen, mag ze geen aanbod van werken, producten of diensten afwijzen die beantwoorden aan een nationale norm waarin een Europese norm is omgezet, aan een Europese technische goedkeuring, aan een gemeenschappelijke technische specificatie, aan een internationale norm, of aan een door een Europese normalisatie-instelling opgesteld technisch referentiesysteem, wanneer deze specificaties betrekking hebben op de prestaties of functionele eisen die ze heeft voorgeschreven.
  De inschrijver toont, tot voldoening van de aanbestedende entiteit, in zijn offerte met elk passend middel aan dat de aan de norm beantwoordende werken, producten of diensten aan de prestatie-eisen of functionele eisen van de aanbestedende entiteit voldoen.
  Een passend middel kan een technisch dossier van de fabrikant zijn of een testverslag van een erkende organisatie.
  § 5. Een aanbestedende entiteit die milieukenmerken voorschrijft door verwijzing naar prestatie-eisen of functionele eisen, zoals bepaald in paragraaf 2, b), kan gebruik maken van de gedetailleerde specificaties of, zo nodig, van gedeelten daarvan, zoals vastgesteld in Europese, (pluri)nationale milieukeuren of in een andere milieukeur, voor zover :
  a) deze geschikt zijn voor de omschrijving van de kenmerken van de leveringen of diensten waarop de opdracht betrekking heeft;
  b) de vereisten voor de keur zijn ontwikkeld op grond van wetenschappelijke gegevens;
  c) de milieukeuren aangenomen zijn via een proces waaraan alle betrokkenen, zoals regeringsinstanties, consumenten, fabrikanten, kleinhandel en milieuorganisaties hebben kunnen deelnemen;
  d) de milieukeuren toegankelijk zijn voor alle betrokken partijen.
  De aanbestedende entiteit kan aangeven dat de van een milieukeur voorziene producten of diensten worden geacht te voldoen aan de technische specificaties van het bestek. Ze dient elk ander passend bewijsmiddel te aanvaarden, zoals een technisch dossier van de fabrikant of een testverslag van een erkende organisatie.
  § 6. "Erkende organisaties" in de zin van dit artikel zijn testlaboratoria, ijklaboratoria en inspectie- en certificatieorganisaties die voldoen aan de toepasselijke Europese normen.
  De aanbestedende entiteit aanvaardt certificaten van in andere lidstaten erkende organisaties.

Artikel 7 § 1. De aanbestedende entiteit deelt de belangstellende aannemers, leveranciers of dienstverleners die een opdracht wensen te verkrijgen en die hierom verzoeken, de technische specificaties mee die regelmatig bedoeld worden in de opdrachten voor werken, leveringen en diensten van bijlage II, A, van de wet, of de technische specificaties waarnaar zij wil verwijzen voor de opdrachten die het voorwerp uitmaken van een periodieke indicatieve aankondiging in de zin van artikel 26. Zij kan eisen stellen met het oog op de beveiliging van het vertrouwelijk karakter van de inlichtingen die zij verschaft.
  § 2. Indien deze technische specificaties omschreven werden in documenten die ter beschikking kunnen gesteld worden van de belangstellende aannemers, leveranciers of dienstverleners wordt de aanduiding van de verwijzing naar deze documenten, als voldoende beschouwd.

Artikel 8 § 1. De technische specificaties bieden de inschrijvers gelijke toegang en mogen niet tot gevolg hebben dat ongerechtvaardigde belemmeringen voor de mededinging worden gecreëerd.
  § 2. In de technische specificaties mag geen melding worden gemaakt van een bepaald fabrikaat of een bepaalde herkomst of van een bijzondere werkwijze, noch mogen deze een verwijzing bevatten naar een merk, een octrooi of een type, een bepaalde oorsprong of een bepaalde productie, waardoor bepaalde ondernemingen of bepaalde producten worden bevoordeeld of geëlimineerd.
  Deze vermelding of verwijzing is bij wijze van uitzondering alleen toegestaan :
  1° wanneer het niet mogelijk is door middel van voldoende nauwkeurige en voor alle betrokkenen volstrekt begrijpelijke specificaties een beschrijving van het voorwerp van de opdracht te geven door toepassing van artikel 6, §§ 2 en 3. Deze vermelding of verwijzing moet vergezeld gaan van de woorden "of gelijkwaardig", of
  2° indien dit door het voorwerp van de opdracht is gerechtvaardigd.

Sectie 6. Varianten en percelen
Artikel 9 Wanneer de opdracht aan de economisch voordeligste offerte moet worden gegund, kan de aanbestedende entiteit de varianten in aanmerking nemen die door de inschrijvers zijn ingediend voor zover de opdrachtdocumenten:
  1° de indiening ervan toestaan, en
  2° de minimumeisen bevatten waaraan de varianten moeten voldoen, alsook hoe zij moeten worden ingediend.
  In dat geval mag de aanbestedende entiteit een variante niet weren met als enige reden dat een opdracht voor diensten daardoor een opdracht voor leveringen zou worden of omgekeerd.

Artikel 10 Wanneer in percelen wordt voorzien, bepalen de opdrachtdocumenten de aard en het voorwerp, de verdeling en de kenmerken ervan.

Sectie 7. [1 Beroep op onderaannemers en andere entiteiten]1
Artikel 11[2 De aanbestedende entiteit kan de inschrijver in de opdrachtdocumenten verzoeken om in zijn offerte te vermelden welk gedeelte van de opdracht hij voornemens is in onderaanneming te geven en welke onderaannemers hij voorstelt.
   Wanneer de kandidaat of de inschrijver een beroep doet op de draagkracht van andere entiteiten als bedoeld in artikel 45 en die draagkracht bepalend is voor zijn selectie, vermeldt de kandidaat of de inschrijver, al naargelang, steeds voor welk gedeelte hij een beroep doet op die draagkracht en welke andere entiteiten hij voorstelt :
   1° in zijn offerte ingeval de procedure slechts één fase met de indiening van offertes omvat;
   2° zowel in zijn aanvraag tot deelneming als in zijn offerte ingeval de procedure een eerste fase met de indiening van aanvragen tot deelneming omvat.
   De in het eerste en tweede lid bedoelde vermelding laat de aansprakelijkheid van de inschrijver onverlet.
   In de situatie van het tweede lid, 2°, verifieert de aanbestedende entiteit in de tweede fase of de inschrijver de in de inleidende zin van dat lid bedoelde vermeldingen in zijn offerte heeft opgenomen en of deze overeenstemmen met de vermeldingen in zijn aanvraag tot deelneming, die in de eerste fase tot zijn selectie hebben geleid.]2

Sectie 8. Verplichtingen inzake belastingen, milieubescherming, arbeidsbescherming en arbeidsvoorwaarden en prijsonderzoek
Artikel 12 De aanbestedende entiteit kan in de opdrachtdocumenten vermelden bij welke instanties de inschrijvers de ter zake dienende informatie kunnen verkrijgen over de verplichtingen inzake belastingen, milieubescherming, arbeidsbescherming en arbeidsvoorwaarden die gelden op de plaats waar de prestaties worden uitgevoerd en die tijdens de uitvoering van de opdracht op die prestaties van toepassing zijn.
  Wanneer de aanbestedende entiteit de in het eerste lid bedoelde vermelding opneemt, dienen de inschrijvers in hun offerte te verklaren dat zij bij het opstellen ervan rekening hebben gehouden met de verplichtingen inzake arbeidsbescherming en arbeidsvoorwaarden die gelden op de plaats waar de prestaties worden uitgevoerd.
  Het tweede lid geldt onverminderd de toepassing van artikel 13, derde lid, 4°.

Artikel 13 Als de aanbestedende entiteit bij het prijsonderzoek vaststelt dat in een offerte een prijs wordt geboden die abnormaal laag of abnormaal hoog lijkt in verhouding tot de uit te voeren prestaties en alvorens die offerte om die reden te weren, verzoekt ze de inschrijver in kwestie per aangetekende brief om de nodige schriftelijke verantwoording over de samenstelling van de prijs in kwestie te verstrekken binnen een termijn van twaalf dagen, tenzij de uitnodiging een langere termijn bepaalt.
  De inschrijver draagt de bewijslast van de verzending van de verantwoording.
  De verantwoording is aanvaardbaar als ze met name gebaseerd is op :
  1° de doelmatigheid van het bouwproces, van het productieproces van de producten of van de dienstverlening;
  2° de gekozen technische oplossingen of de uitzonderlijk gunstige omstandigheden waarvan de inschrijver kan profiteren bij de uitvoering van de werken, de levering van de producten of het verlenen van de diensten;
  3° de originaliteit van de door de inschrijver aangeboden werken, leveringen of diensten;
  4° de naleving van de bepalingen inzake arbeidsbescherming en arbeidsvoorwaarden die gelden op de plaats waar de prestaties worden uitgevoerd;
  5° de eventuele ontvangst van rechtmatig toegekende overheidssteun door de inschrijver.
  De aanbestedende entiteit onderzoekt op basis van een bevraging van de inschrijver de samenstelling van de offerte aan de hand van de ontvangen verantwoordingen.
  Wanneer de aanbestedende entiteit vaststelt dat een offerte voor opdracht voor werken, leveringen of diensten van de bijlage II, A, van de wet abnormaal laag is doordat de inschrijver overheidssteun heeft ontvangen, kan de offerte alleen op uitsluitend die grond worden geweerd indien de inschrijver desgevraagd niet binnen een door de aanbestedende entiteit bepaalde voldoende lange termijn kan aantonen dat de betrokken steun rechtmatig is toegekend. Wanneer de aanbestedende entiteit in een dergelijke situatie een offerte weert, stelt zij de Europese Commissie daarvan in kennis.

Hoofdstuk 2. Raming opdrachtbedrag
Artikel 14 De raming van het opdrachtbedrag moet steunen op de totale duur en waarde van de opdracht zoals berekend door de aanbestedende entiteit, met inbegrip van :
  1° alle verplichte opties;
  2° alle percelen;
  3° alle herhalingen in de zin van artikel 66, § 2, 3°, van de wet;
  4° alle gedeelten;
  5° alle verlengingen van de opdracht;
  6° alle voor de duur van een raamovereenkomst of dynamisch aankoopsysteem overwogen opdrachten;
  7° al het prijzengeld en de vergoedingen aan de deelnemers.
  De berekening wordt gemaakt op het tijdstip van de verzending van de aankondiging of, wanneer geen aankondiging verplicht is, op het tijdstip waarop de procedure wordt aangevat.
  Noch de keuze van de ramingsmethode, noch de splitsing van een opdracht mogen tot doel hebben de opdracht aan de bekendmakingsregels te onttrekken.

Artikel 15 De raming van een opdracht voor werken omvat niet alleen de waarde van alle voorziene werken, maar ook de waarde van de leveringen en van de diensten die nodig zijn voor de uitvoering van de werken en die door de aanbestedende entiteit ter beschikking zijn gesteld van de aannemer.
  De waarde van de leveringen en diensten die niet noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een opdracht voor werken, mag niet worden toegevoegd aan de waarde van deze opdracht voor werken om deze leveringen en diensten aan de Europese bekendmaking te kunnen onttrekken.

Artikel 16 Bij opdrachten voor leveringen die een zekere regelmaat vertonen of die bestemd zijn om in de loop van een bepaalde periode te worden hernieuwd, wordt de raming bepaald op grond van de totale waarde van de opeenvolgende opdrachten die zullen worden geplaatst over twaalf maanden volgend op de eerste levering of, indien deze meer bedraagt dan twaalf maanden, over de volledige looptijd van de opdracht.
  De raming van de opdrachten voor leveringen die geplaatst worden in de vorm van huur, huurkoop of leasing wordt als volgt bepaald :
  1° bij een opdracht met een bepaalde duur, op grond van de geraamde totale waarde van de opdracht voor de gehele looptijd, wanneer deze twaalf maanden of minder bedraagt, of op grond van het totaalbedrag met inbegrip van de geraamde restwaarde wanneer de looptijd meer dan twaalf maanden bedraagt;
  2° bij een opdracht van onbepaalde duur of waarvan de looptijd niet kan worden bepaald, op grond van de geraamde maandelijkse waarde vermenigvuldigd met achtenveertig.

Artikel 17 § 1. De raming van opdrachten voor diensten omvat de totale vergoeding van de dienstverlener.
  Voor de berekening van dit bedrag worden in aanmerking genomen :
  1° voor de verzekeringsdiensten, de te betalen premie en alle andere vormen van vergoeding;
  2° voor de bankdiensten en andere financiële diensten, de honoraria, het commissieloon, de intresten alsmede alle andere vormen van vergoeding;
  3° voor de diensten die betrekking hebben op ontwerpen, het honorarium, de commissielonen en alle andere vormen van vergoeding.
  § 2. De raming van de opdrachten voor diensten die geen totale prijs vermelden, wordt als volgt bepaald :
  1° bij een opdracht met een bepaalde duur die gelijk is aan of korter is dan achtenveertig maanden, op grond van de totale geraamde waarde van de opdracht voor de gehele looptijd;
  2° bij een opdracht van onbepaalde duur of waarvan de duur langer is dan achtenveertig maanden, op grond van de geraamde maandelijkse waarde vermenigvuldigd met achtenveertig.
  § 3. Bij opdrachten voor diensten die een zekere regelmaat vertonen of die bestemd zijn om in de loop van een bepaalde periode te worden hernieuwd, wordt de raming bepaald op grond van de geraamde totale waarde van de opeenvolgende opdrachten die zullen worden gegund over twaalf maanden volgend op de eerste prestatie of, indien deze meer bedraagt dan twaalf maanden, over de volledige looptijd van de opdracht.
  § 4. Een opdracht die tegelijk betrekking heeft op diensten bedoeld in bijlage II, A, en in bijlage II, B, van de wet, wordt gegund overeenkomstig de bepalingen die van toepassing zijn op het gedeelte van de opdracht met de grootste geraamde waarde.
  § 5. Een opdracht die tegelijk betrekking heeft op diensten en leveringen, wordt geraamd op basis van de totale waarde van de diensten en de leveringen, ongeacht het respectieve aandeel ervan. Deze raming omvat ook de waarde van de eventuele plaatsing en installatie.

Artikel 18 De raming van de opdracht bij het opstarten van de procedure bepaalt de regels die gedurende het hele verloop ervan toepasselijk zijn, voor zover de toepassing van deze regels afhankelijk is van het geraamde opdrachtbedrag of van de verplichte voorafgaande Europese bekendmaking.

Hoofdstuk 3. Bekendmaking
Sectie 1. Algemene bekendmakingsregels
Artikel 19 § 1. Een opdracht onderworpen aan de Europese bekendmaking wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie. Hij mag eveneens in het Bulletin der Aanbestedingen bekendgemaakt worden.
  De eventuele aankondiging in het Bulletin der Aanbestedingen mag geen andere inhoud hebben dan die bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie. Ze mag niet worden bekendgemaakt vóór de datum van verzending van de aankondiging naar het Bureau voor Publicaties van de Europese Unie. De Europese bekendmaking vermeldt deze datum.
  § 2. Voor de opdrachten die overeenkomstig dit besluit aan de bekendmaking onderworpen zijn, geldt enkel de aankondiging bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie en eventueel in het Bulletin der Aanbestedingen als een officiële bekendmaking.
  Geen andere bekendmaking of verspreiding mag plaatsvinden vóór de datum van verzending van de aankondiging voor bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie. De bekendmaking of verspreiding mag geen andere inhoud hebben dan deze van de officiële bekendmaking.
  § 3. Zolang de bekendmaking van een aankondiging niet tegelijk kosteloos kan gebeuren in het Publicatieblad van de Europese Unie en het Bulletin der Aanbestedingen door een online invoering door elektronische gegevensopvang of door gegevensoverdracht tussen systemen die een automatische en gestructureerde bekendmaking mogelijk maken conform de modellen opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011, kan de bekendmaking van de bedoelde aankondiging geldig als volgt gebeuren:
  1° in het Publicatieblad van de Europese Unie : door gebruik te maken van de modellen die op de webapplicatie eNotices van de Europese Unie beschikbaar zijn voor een online bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie;
  2° in het Bulletin der Aanbestedingen : door gebruik te maken van de passende modellen die op de webapplicatie e-Notification van de federale overheid of een andere, door het Bulletin der Aanbestedingen erkende webapplicatie beschikbaar zijn voor een online bekendmaking in het Bulletin der Aanbestedingen van de aankondigingen van opdrachten.

Artikel 20 Wanneer de aanbestedende entiteit een officiële bekendmaking wenst te verbeteren of aan te vullen, gaat zij, conform deze afdeling, over tot de bekendmaking van hetzij een volledig nieuwe aankondiging, hetzij een rechtzettingsbericht volgens het model van aankondiging beschikbaar op de webapplicatie eNotices van de Europese Unie voor een online bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Artikel 21 De aanbestedende entiteit wordt geacht het bewijs van de verzending van de aankondiging te kunnen leveren.
  De door het Bureau voor Publicaties van de Europese Unie en de Federale Overheidsdienst Personeel en Organisatie verstrekte bevestiging van de bekendmaking van de verzonden informatie, met vermelding van de datum van de bekendmaking, geldt als bewijs van de bekendmaking van de aankondiging.

Sectie 2. Europese drempels
Artikel 22De Europese drempelbedragen zijn :
  1° [3 5.225.000 euro]3 voor de opdrachten voor werken;
  2° [3 418.000 euro]3 voor de opdrachten voor leveringen;
  3° [3 418.000 euro]3 voor de opdrachten voor diensten bedoeld in bijlage II van de wet.
  Deze drempels worden door de Eerste Minister aangepast op basis van de herzieningen bepaald in artikel 69 van de Richtlijn 2004/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 houdende coördinatie van de procedures voor het plaatsen van opdrachten in de sectoren water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten.

Artikel 23 Wanneer werken, homogene leveringen of diensten in percelen worden verdeeld, mag de aanbestedende entiteit van de toepassing van afdeling 3 van dit hoofdstuk afwijken voor percelen waarvan het individuele geraamde bedrag kleiner is dan 1.000.000 euro voor werken, respectievelijk 80.000 euro voor leveringen en diensten, maar voor zover hun samengevoegde geraamde waarde twintig percent van de geraamde waarde van het geheel van de percelen niet overschrijdt.

Sectie 3. Europese bekendmaking
Artikel 24 Deze afdeling is van toepassing op de opdrachten waarvan de geraamde waarde de drempels vermeld in artikel 22 bereikt en die onderworpen zijn aan de Europese bekendmaking.

Artikel 25 De Europese bekendmaking bestaat uit een periodieke indicatieve aankondiging, een aankondiging van opdracht, een aankondiging betreffende de instelling van een kwalificatiesysteem en een aankondiging van gegunde opdracht.

Artikel 26 § 1. De bekendmaking van een periodieke indicatieve aankondiging is slechts verplicht wanneer de aanbestedende entiteit gebruik wil maken van de mogelijkheid om de termijn voor de ontvangst van offertes overeenkomstig artikel 35, § 1, tweede lid, in te korten.
  De periodieke indicatieve aankondiging bepaalt :
  a) voor opdrachten voor werken, de hoofdkenmerken van de opdrachten die de aanbestedende entiteit voornemens is in de loop van de komende twaalf maanden te plaatsen en waarvan de geraamde waarde de drempel bepaald in artikel 22, eerste lid, 1° bereikt;
  b) voor opdrachten voor leveringen, de geraamde totale waarde van de opdrachten per productgroep die de aanbestedende entiteit voornemens is in de loop van de komende twaalf maanden te plaatsen, wanneer de geraamde totale waarde gelijk is aan of hoger ligt dan 750.000 euro.
  De aanbestedende entiteit stelt de productgroepen vast volgens de posten van de CPV-nomenclatuur;
  c) voor opdrachten voor diensten, de totale geraamde waarde van de opdrachten voor elk van de in bijlage II, A, van de wet vermelde dienstencategorieën die de aanbestedende entiteit voornemens is in de loop van de komende twaalf maanden te plaatsen indien de geraamde waarde gelijk is aan of hoger ligt dan 750.000 euro.
  De periodieke indicatieve aankondiging wordt opgesteld overeenkomstig het model van aankondiging opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011.
  § 2. Periodieke indicatieve aankondigingen over belangrijke projecten kunnen worden bekendgemaakt, zonder de reeds eerder in een periodieke indicatieve aankondiging vervatte inlichtingen te herhalen, mits duidelijk wordt vermeld dat deze aankondigingen een aanvulling zijn.
  § 3. De periodieke indicatieve aankondiging wordt zo spoedig mogelijk bekendgemaakt bij het begin van het begrotingsjaar of, voor werken, nadat de beslissing is genomen tot goedkeuring van het programma voor de opdrachten voor werken die de aanbestedende entiteit voornemens is te plaatsen.
  § 4. Dit artikel is niet van toepassing op de opdrachten te plaatsen bij onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking, noch op de opdrachten voor diensten bedoeld in bijlage II, B, van de wet.

Artikel 27 Elke aan deze afdeling onderworpen opdracht wordt in mededinging gesteld door middel van :
  1° ofwel een aankondiging van opdracht, opgesteld overeenkomstig artikel 28;
  2° ofwel een periodieke indicatieve aankondiging gebruikt als oproep tot mededinging, opgesteld overeenkomstig artikel 29;
  3° ofwel een aankondiging betreffende een kwalificatiesysteem, opgesteld overeenkomstig artikel 30.
  Dit artikel en de artikelen 28 tot 30 zijn niet van toepassing op de opdrachten voor diensten bedoeld in bijlage II, B, van de wet, noch op de opdrachten die gebaseerd zijn op een raamovereenkomst.

Artikel 28 Indien de aanbestedende entiteit verkiest in mededinging te stellen overeenkomstig artikel 27, eerste lid, 1°, maakt de opdracht die zal worden geplaatst bij open procedure, bij beperkte procedure of bij onderhandelingsprocedure met bekendmaking het voorwerp uit van een aankondiging van opdracht bekendgemaakt overeenkomstig het model opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011.

Artikel 29 Indien de aanbestedende entiteit verkiest in mededinging te stellen overeenkomstig artikel 27, eerste lid, 2°, kan, voor een opdracht die zal worden geplaatst bij beperkte procedure of bij onderhandelingsprocedure met bekendmaking, de periodieke indicatieve aankondiging bedoeld in artikel 26 gebruikt worden als inmededingingstelling onder de volgende voorwaarden :
  1° de aankondiging duidt specifiek de werken, de leveringen of de diensten aan die het voorwerp uitmaken van de opdracht;
  2° de aankondiging vermeldt dat de opdracht zal geplaatst worden bij beperkte procedure of bij onderhandelingsprocedure met bekendmaking, zonder latere bekendmaking van een aankondiging van opdracht, en verzoekt de belangstellende aannemers, leveranciers of dienstverleners hun belangstelling schriftelijk te betonen;
  3° de aankondiging dient niet minder dan tweeënvijftig dagen en niet meer dan twaalf maanden vóór de datum van verzending van de in 4° bedoelde uitnodiging bekendgemaakt te zijn en moet de gegevens bevatten vermeld in het model van aankondiging opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011;
  4° de aanbestedende entiteit verzoekt alle kandidaten om daarna hun belangstelling te bevestigen op basis van de gedetailleerde informatie betreffende de betrokken opdracht, alvorens over te gaan tot de selectie van de kandidaten.
  Deze informatie bevat ten minste de volgende gegevens :
  a) de aard en de hoeveelheid, met inbegrip van alle opties betreffende aanvullende opdrachten en, indien mogelijk, de geraamde termijn voor de uitoefening van deze opties. In het geval van hernieuwbare opdrachten, de aard en de hoeveelheid en, indien mogelijk, de geraamde termijn voor de bekendmaking van de latere aankondigingen van mededinging voor de werken, leveringen of diensten die het voorwerp zullen zijn van de opdracht;
  b) de gekozen gunningswijze: beperkte procedure of onderhandelingsprocedure;
  c) in voorkomend geval, de begin- of einddatum van de uitvoering van de opdracht;
  d) het adres en de uiterste datum voor de indiening van de aanvragen met het oog op het krijgen van een uitnodiging tot het indienen van een offerte, alsook de toegelaten ta(a)l(en) waarin ze worden opgesteld;
  e) het adres van de aanbestedende entiteit die de opdracht moet plaatsen en de nodige inlichtingen moet verstrekken met het oog op het krijgen van de opdrachtdocumenten;
  f) de economische en technische voorschriften, de financiële waarborgen en de van de kandidaten vereiste inlichtingen;
  g) desgevallend, het bedrag en de betalingswijze van de som verschuldigd voor het krijgen van de opdrachtdocumenten;
  h) de vorm van de opdracht;
  5° de bepalingen van artikel 36, betreffende de termijn voor het indienen van de aanvragen tot deelneming en voor de ontvangst van de offertes, dienen nageleefd te worden.

Artikel 30 § 1. Wanneer de aanbestedende entiteit een kwalificatiesysteem overeenkomstig artikel 27, eerste lid, 3°, wil invoeren, maakt ze een aankondiging volgens het model opgenomen in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011 bekend.
  Wanneer het kwalificatiesysteem langer duurt dan drie jaar, dient de aankondiging vermeld in het eerste lid, jaarlijks bekendgemaakt te worden. Indien de duur ervan korter is, volstaat de bekendmaking van de oorspronkelijke aankondiging.
  Deze aankondiging wordt eveneens bekendgemaakt na iedere actualisering van kwalificatiecriteria en -voorschriften.
  De belangstellende aannemers, leveranciers of dienstverleners kunnen op ieder ogenblik vragen om te worden opgenomen in elk door een aanbestedende entiteit ingesteld kwalificatiesysteem.
  § 2. Elk kwalificatiesysteem ingericht door een aanbestedende entiteit dient beheerd te worden op basis van door haar bepaalde objectieve kwalificatiecriteria en -voorschriften overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk 5 die ze meedeelt aan de aannemers, leveranciers en dienstverleners die erom verzoeken. De volgende voorwaarden worden in acht genomen :
  1° wanneer zij een beslissing neemt over de kwalificatie, de toepasselijke criteria en voorschriften bijwerkt of de deelnemers aan een procedure kiest, kan de aanbestedende entiteit sommige aanvragers geen administratieve, technische of financiële voorwaarden opleggen die ze niet aan anderen zou opleggen, noch proeven of bewijzen eisen indien daarvoor al objectieve bewijzen voorhanden zijn;
  2° wanneer de kwalificatiecriteria en -voorschriften eisen betreffende de economische, financiële of technische draagkracht en beroepsbekwaamheid omvatten, kan de aannemer, leverancier of dienstverlener zich in voorkomend geval beroepen op de draagkracht van andere entiteiten, ongeacht de juridische aard van zijn band met die entiteiten. In dat geval moet hij de aanbestedende entiteit aantonen dat hij gedurende de volledige geldigheidsduur van het kwalificatiesysteem over deze middelen kan beschikken met name door overlegging van de verbintenis van deze entiteiten om dergelijke middelen tot zijn beschikking te stellen.
  Onder dezelfde voorwaarden kan een combinatie van kandidaten of inschrijvers zich beroepen op de draagkracht van de deelnemers aan de combinatie of deze van andere entiteiten;
  3° de kwalificatiecriteria en -voorschriften en hun bijwerking worden op hun aanvraag medegedeeld aan de belangstellende aannemers, leveranciers of dienstverleners. Er kunnen eisen worden opgelegd om het vertrouwelijk karakter van de inlichtingen overgemaakt door de aanbestedende entiteit te beveiligen. Indien de aanbestedende entiteit meent dat het kwalificatiesysteem van andere aanbestedende entiteiten of derde instellingen aan haar eisen beantwoordt, deelt ze de namen van deze entiteiten of van deze instellingen mee aan de belangstellenden;
  4° de aanbestedende entiteit neemt binnen een termijn van zes maanden een beslissing over de kwalificatie van de aanvragers. Indien deze beslissing meer dan vier maanden zal bedragen vanaf het neerleggen van de aanvraag, licht zij de aanvrager binnen de twee maanden na het neerleggen in over de redenen van verlenging van de termijn en over de datum waarop zijn verzoek aanvaard dan wel zal worden afgewezen;
  5° de aanbestedende entiteit houdt een lijst bij van gekwalificeerde aanvragers, die zij volgens het opdrachttype waarvoor de kwalificatie geldt in categorieën kan indelen;
  6° wanneer een opdracht bij beperkte procedure of onderhandelingsprocedure met bekendmaking wordt geplaatst in het kader van een kwalificatiesysteem, selecteert de aanbestedende entiteit onder de gekwalificeerde aanvragers diegenen die zullen worden uitgenodigd om een offerte in te dienen.
  § 3. De invoering van een kwalificatiesysteem belet evenwel niet dat een afzonderlijke opdracht wordt geplaatst via de bekendmaking van een aankondiging van opdracht of een periodieke indicatieve aankondiging gebruikt als oproep tot mededinging.

Artikel 31 § 1. Iedere opdracht die is gesloten, ook na een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking, maakt het voorwerp uit van een aankondiging van gegunde opdracht.
  Deze aankondiging wordt opgesteld overeenkomstig het model opgenomen in Uitvoeringsverordening (UE) nr. 842/2011 en wordt verstuurd binnen twee maanden na de sluiting van de opdracht.
  Deze regel is niet van toepassing op de opdrachten die zijn gebaseerd op een raamovereenkomst.
  Daarentegen is deze wel van toepassing op iedere opdracht gebaseerd op een dynamisch aankoopsysteem. In dat geval mogen de opdrachten per trimester worden gegroepeerd.
  § 2. Voor opdrachten voor diensten bedoeld in bijlage II, B, van de wet, verzendt de aanbestedende entiteit een aankondiging overeenkomstig § 1, en duidt in de aankondiging aan of zij de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie aanvaardt. Indien zij die weigert, wordt de aankondiging van gegunde opdracht niet naar het Bulletin der Aanbestedingen verzonden.
  § 3. Voor opdrachten voor onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten van categorie 8 van bijlage II, A, van de wet die geplaatst worden bij onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking overeenkomstig artikel 66, § 2, 1°, d, van de wet, mag de aanbestedende entiteit de overeenkomstig het model van aankondiging opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011 te verstrekken inlichtingen over de aard en de hoeveelheid van de verleende diensten beperken tot de vermelding "onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten".
  Voor opdrachten voor onderzoeks- en ontwikkelingsdiensten die onderworpen zijn aan een Europese bekendmaking bij de aanvang van de procedure, mag de aanbestedende entiteit de inlichtingen over de aard en de hoeveelheid van de verleende diensten beperken indien de bescherming van het zakengeheim dit noodzakelijk maakt.
  In deze gevallen is de overeenkomstig deze paragraaf bekendgemaakte informatie minstens even gedetailleerd als die vervat in de aankondiging die als inmededingingstelling gebruikt werd overeenkomstig artikel 27.
  Wanneer de opdracht in mededinging werd gesteld in het kader van een kwalificatiesysteem, is deze informatie minstens even gedetailleerd als die van de opdrachtencategorie waarvoor de kwalificatie geldt.
  § 4. Bepaalde gegevens betreffende een opdracht mogen niet worden bekendgemaakt indien de openbaarmaking ervan de toepassing van een wet zou belemmeren, in strijd zou zijn met het algemeen belang, nadelig zou zijn voor de rechtmatige commerciële belangen van de overheidsbedrijven of particuliere ondernemingen of de eerlijke mededinging tussen ondernemingen zou kunnen schaden.

Hoofdstuk 4. Indiening aanvragen tot deelneming en offertes
Sectie 1. TermijnenAlgemene bepalingen
Artikel 32 De termijnen voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming en de offertes bepaald in de artikelen 35 et 36 zijn minimumtermijnen.
  Bij de vaststelling van deze termijnen houdt de aanbestedende entiteit inzonderheid rekening met de complexiteit van de opdracht en met de nodige voorbereidingstijd van de offertes.
  Behalve wanneer de termijn in onderlinge overeenstemming wordt bepaald overeenkomstig artikel 36, § 2, eerste lid, worden de termijnen voor de ontvangst van de offertes zodanig verlengd dat alle betrokken deelnemers van alle nodige informatie voor de opstelling van de offertes kennis kunnen nemen:
  1° wanneer de offertes slechts kunnen worden opgesteld na raadpleging van een omvangrijke documentatie, plaatsbezoek of inzage ter plaatse van bepaalde opdrachtdocumenten;
  2° wanneer de opdrachtdocumenten, het beschrijvend document of de aanvullende inlichtingen tijdig zijn aangevraagd, maar om enigerlei redenen niet binnen de termijnen bepaald in de artikelen 33 en 34 zijn verstrekt.
  Indien de artikelen 35 en 36 geen termijnen vaststellen, bepaalt de aanbestedende entiteit een passende termijn voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming of de offertes.

Artikel 33 Wanneer de aanbestedende entiteit bij open procedure niet via een aangeduid internetadres vrije, rechtstreekse, onmiddellijke en volledige toegang biedt tot de opdrachtdocumenten, worden deze verstrekt binnen zes dagen na ontvangst van het verzoek, mits dit verzoek tijdig is gebeurd.

Artikel 34 De aanvullende inlichtingen over de opdrachtdocumenten worden, voor zover daarom tijdig is verzocht, door de aanbestedende entiteit meegedeeld uiterlijk zes dagen vóór de uiterste datum vastgelegd voor de ontvangst van de offertes.

Sectie 2. Termijnen voor de bekendmaking
Artikel 35 § 1. Bij open procedure is de minimumtermijn voor de ontvangst van de offertes tweeënvijftig dagen te rekenen vanaf de datum van verzending van de aankondiging van opdracht naar het Bureau voor Publicaties van de Europese Unie.
  Deze termijn mag echter worden ingekort tot een termijn die lang genoeg is om de indiening van geldige offertes toe te laten, die in principe niet korter is dan zesendertig dagen en die in geen enkel geval korter is dan tweeëntwintig dagen, mits cumulatief is voldaan aan de volgende voorwaarden :
  1° de opdracht gaf aanleiding tot de verzending van een periodieke indicatieve aankondiging niet minder dan tweeënvijftig dagen en niet meer dan twaalf maanden vóór de verzendingsdatum van de aankondiging van opdracht bepaald in artikel 28;
  2° deze periodieke indicatieve aankondiging bevatte ten minste de in het model van aankondiging van opdracht bedoelde gegevens, voor zover deze op het ogenblik van de publicatie van deze periodieke indicatieve aankondiging beschikbaar waren.
  § 2. De termijn voor ontvangst van de offertes mag worden ingekort :
  1° met zeven dagen wanneer de aankondiging van opdracht via elektronische middelen in het formaat en op de wijze bepaald door het Bureau voor Publicaties van de Europese Unie online wordt opgesteld en verzonden; en
  2° met vijf dagen indien de aanbestedende entiteit met elektronische middelen en vanaf de bekendmaking van de aankondiging vrije, rechtstreekse, onmiddellijke en volledige toegang biedt tot alle opdrachtdocumenten en in de aankondiging het internetadres vermeldt dat toegang biedt tot deze documenten.
  Het gecumuleerde effect van de inkortingen bepaald in het eerste lid mag niet tot gevolg hebben dat de ontvangsttermijn van de offertes minder bedraagt dan vijftien dagen vanaf de verzendingsdatum van de aankondiging per telefax of via elektronische middelen en minder dan tweeëntwintig dagen wanneer de aankondiging via andere communicatiemiddelen wordt verzonden.

Artikel 36 § 1. Bij beperkte procedure en onderhandelingsprocedure met bekendmaking is de minimumtermijn voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming in principe zevenendertig dagen te rekenen vanaf de datum van verzending hetzij van de aankondiging van opdracht, hetzij van de periodieke indicatieve aankondiging gebruikt als oproep tot mededinging naar het Bureau voor Publicaties van de Europese Unie.
  Deze termijn mag worden ingekort met zeven dagen wanneer de aankondiging via elektronische middelen in het formaat en op de wijze bepaald door het Bureau voor Publicaties van de Europese Unie online wordt opgesteld en verzonden.
  De termijn moet in elk geval minstens vijftien dagen bedragen wanneer de aankondiging via elektronische middelen wordt verzonden overeenkomstig het vorige lid of per telefax en tweeëntwintig dagen wanneer andere middelen worden gebruikt.
  § 2. Bij beperkte procedure en onderhandelingsprocedure met bekendmaking, kan de ontvangsttermijn van de offertes worden bepaald in onderlinge overeenstemming tussen de aanbestedende entiteit en de geselecteerden op voorwaarde dat alle kandidaten over dezelfde termijn beschikken.
  Indien het niet mogelijk is overeenstemming te bereiken over de termijn voor ontvangst van de offertes wordt deze termijn door de aanbestedende entiteit vastgesteld. In dat geval stelt de aanbestedende entiteit de termijn vast die niet minder dan vierentwintig dagen mag bedragen. Deze termijn gaat in vanaf de datum van verzending van de uitnodiging om een offerte in te dienen.
  Behalve wanneer in onderlinge overeenstemming een termijn werd bepaald, mag de ontvangsttermijn voor de offertes, al dan niet cumulatief, worden ingekort:
  1° met zeven dagen wanneer de aankondiging van opdracht via elektronische middelen in het formaat en op de wijze bepaald door het Bureau voor Publicaties van de Europese Unie online wordt opgesteld en verzonden;
  2° met vijf dagen indien de aanbestedende entiteit met deze elektronische middelen en vanaf de bekendmaking van de aankondiging vrije, rechtstreekse, onmiddellijke en volledige toegang biedt tot alle opdrachtdocumenten en in de aankondiging het internetadres vermeldt dat toegang biedt tot deze documenten.
  Behalve wanneer in onderlinge overeenstemming een termijn werd bepaald, mag het gecumuleerde effect van de inkortingen niet tot gevolg hebben dat de ontvangsttermijn van de offertes minder dan tien dagen bedraagt.

Sectie 3. Uitnodiging geselecteerden tot indiening offerte
Artikel 37 Bij beperkte procedure en onderhandelingsprocedure worden de geselecteerden gelijktijdig en schriftelijk uitgenodigd om een offerte in te dienen.
  Deze uitnodiging bevat minstens :
  1° a) hetzij de opdrachtdocumenten, hetzij het adres van de dienst waar die documenten kunnen worden opgevraagd en de uiterste datum voor deze aanvraag.
  Deze verplichting is niet van toepassing indien de aanbestedende entiteit met elektronische middelen vrije, rechtstreekse, onmiddellijke en volledige toegang biedt tot die documenten. Zij vermeldt in dat geval het internetadres dat toegang biedt tot deze documenten;
  b) wanneer de afgifte van bepaalde opdrachtdocumenten betalend is, de kostprijs en de betalingswijze ervan;
  2° een verwijzing naar de bekendgemaakte aankondiging;
  3° a) de uiterste datum en uur voor ontvangst van de offertes;
  b) het adres waarnaar ze moeten worden verstuurd;
  c) de taal of talen waarin ze mogen worden opgesteld;
  4° de aanduiding van de eventueel toe te voegen documenten;
  5° het gunningscriterium of de gunningscriteria voor zover ze niet zijn opgenomen in de opdrachtdocumenten en, al naargelang, een aanduiding van de weging van de criteria, van hun dalende volgorde van belangrijkheid of van hun gelijke waarde.
  Het bewijs van de datum van verzending van de uitnodiging tot het indienen van een offerte wordt door de aanbestedende entiteit geleverd.

Sectie 4. Indieningsrecht enwijze aanvragen tot deelneming en offertes
Artikel 38 § 1. Elke aanvraag tot deelneming wordt individueel en schriftelijk of telefonisch ingediend.
  Wanneer de aanvraag wordt ingediend per telefax of via een elektronisch middel dat niet in overeenstemming is met artikel 40, § 1,kan de aanbestedende entiteit met het oog op een juridisch bewijs verzoeken dat deze aanvraag per brief of via een elektronische middel dat in overeenstemming is met artikel 40, § 1, wordt bevestigd. In dat geval worden dit verzoek, alsook de termijn binnen dewelke de bevestiging moet gebeuren, vermeld in de aankondiging van opdracht of indien de inmededingingstelling bestaat uit een periodieke indicatieve aankondiging, in de uitnodiging verzonden aan de kandidaten om hun belangstelling te bevestigen overeenkomstig artikel 29, 4°.
  Wanneer de aanvraag per telefoon wordt ingediend, wordt deze per brief of via elektronisch middel dat in overeenstemming is met artikel 40, § 1, bevestigd vóór het verstrijken van de termijn bepaald voor haar ontvangst.
  De aanvraag tot deelneming wordt in voorkomend geval ondertekend door de persoon of personen die bevoegd of gemachtigd zijn om de kandidaat te verbinden. Dit voorschrift geldt voor alle personen die samen een aanvraag tot deelneming indienen en de intentie hebben om een offerte in te dienen als combinatie zonder rechtspersoonlijkheid.
  § 2. Elke offerte wordt schriftelijk ingediend.
  De offerte wordt ondertekend door de persoon of personen die bevoegd of gemachtigd zijn om de inschrijver te verbinden. Dit voorschrift geldt voor alle deelnemers als de offerte wordt ingediend door een combinatie zonder rechtspersoonlijkheid. De deelnemers zijn dan hoofdelijk verbonden en zijn verplicht de deelnemer aan te duiden die de combinatie zal vertegenwoordigen tegenover de aanbestedende entiteit.

Artikel 39 Voor zover de aanbestedende entiteit dit oplegt in de opdrachtdocumenten, vermeldt de inschrijver, in voorkomend geval, het gedeelte van de opdracht dat hij in onderaanneming zal geven, alsook de identiteit en de nationaliteit van de onderaannemers op wie hij een beroep zal doen voor de uitvoering van de opdracht.

Artikel 40 § 1. Wanneer elektronische middelen worden gebruikt voor het indienen van aanvragen tot deelneming of offertes, bieden ze ten minste de waarborg :
  1° dat de elektronische handtekening conform is met de regels van het Europees en het daarmee overeenstemmende nationaal recht inzake de geavanceerde elektronische handtekening met een geldig gekwalificeerd certificaat, waarbij deze handtekening werd gerealiseerd via een veilig middel voor het aanmaken van een handtekening. Voor de aanvragen tot deelneming geldt deze eis enkel voor zover de aanbestedende entiteit de ondertekening ervan oplegt;
  2° dat elke aanvraag tot deelneming of offerte die met elektronische middelen werd opgesteld en die in de ontvangen versie een macro, een computervirus of andere schadelijke instructie vertoont, in een veiligheidsarchief kan worden opgenomen. Voor zover dit technisch noodzakelijk is kan dit document als niet ontvangen worden beschouwd. De aanvraag tot deelneming of de offerte wordt in dat geval geweerd, maar de kandidaat of inschrijver mag hiervan slechts op de hoogte worden gebracht volgens de bepalingen die van toepassing zijn op de informatie aan de kandidaten en inschrijvers;
  3° dat het precieze tijdstip van ontvangst door de bestemmeling automatisch vastgesteld wordt door een ontvangstbewijs dat via elektronische middelen wordt verzonden;
  4° dat redelijkerwijs kan worden verzekerd dat niemand vóór de vastgelegde uiterste datum en uur toegang kan hebben tot de overgelegde aanvragen tot deelneming of offertes;
  5° dat in geval van een inbreuk op dat toegangsverbod redelijkerwijs kan worden verzekerd dat de inbreuk duidelijk opspoorbaar is;
  6° dat enkel de daartoe aangestelde personen het precieze tijdstip van opening van de overgelegde gegevens mogen vastleggen of wijzigen;
  7° dat tijdens de procedure, op de vastgelegde uiterste datum en uur, de toegang tot de overgelegde gegevens slechts mogelijk is wanneer de daartoe aangestelde personen gelijktijdig optreden;
  8° dat de gegevens betreffende de overgelegde aanvragen tot deelneming of offertes, die geopend worden overeenkomstig de vereisten van dit artikel, alleen maar toegankelijk mogen zijn voor de daartoe aangestelde personen;
  9° dat de te gebruiken hulpmiddelen en de technische eigenschappen ervan, met inbegrip van de eventuele versleuteling, niet discriminerend en algemeen voor het publiek beschikbaar zijn en verenigbaar met algemeen gebruikte informatie- en communicatiemiddelen. Ze worden beschreven in de opdrachtdocumenten.
  De voorwaarden vermeld in het eerste lid, 1° tot 3° zijn van toepassing op de kandidaten, de inschrijvers en de aanbestedende entiteit en die vermeld in het eerste lid, 4° tot 9° zijn van toepassing op de aanbestedende entiteit.
  De voorwaarden vermeld in het eerste lid, 3° tot 8° zijn niet toepasselijk op de met elektronische middelen opgestelde offertes die niet via deze middelen worden overgelegd.
  § 2. Onverminderd de bepalingen inzake het dynamisch aankoopsysteem en de elektronische veiling beslist de aanbestedende entiteit voor elke opdracht afzonderlijk of ze het gebruik van elektronische middelen oplegt, toestaat of verbiedt voor het indienen van aanvragen tot deelneming of offertes. De aanbestedende entiteit vermeldt deze beslissing in de opdrachtdocumenten, desgevallend samen met de door de kandidaten of inschrijvers te gebruiken elektronische hulpmiddelen en adres. Bij gebrek aan deze vermeldingen is het gebruik van elektronische middelen verboden.
  Indien het gebruik van elektronische middelen wordt opgelegd voor het indienen van aanvragen tot deelneming of offertes, kunnen bepaalde bij te voegen documenten, die niet of uiterst moeilijk via elektronische middelen kunnen worden aangemaakt, op papier worden bezorgd vóór de uiterste ontvangstdatum.
  Indien het gebruik van elektronische middelen wordt toegestaan voor het indienen van aanvragen tot deelneming of offertes, kunnen bepaalde bij te voegen documenten op papier worden bezorgd vóór de uiterste ontvangstdatum.
  Door zijn aanvraag tot deelneming of offerte geheel of gedeeltelijk via elektronische middelen over te leggen, aanvaardt de kandidaat of inschrijver dat de gegevens van zijn aanvraag tot deelneming of offerte worden geregistreerd door het ontvangstsysteem.
  § 3. Om te verhelpen aan sommige problemen die zich kunnen voordoen bij de overlegging, de ontvangst of de opening van met elektronische middelen ingediende aanvragen tot deelneming of offertes, kan de aanbestedende entiteit in de aankondiging van opdracht of in de andere opdrachtdocumenten aan de kandidaten of inschrijvers de toestemming geven om:
  1° ingeval een aanvraag tot deelneming of offerte de overlegging kan meebrengen van omvangrijke documenten en teneinde elke mogelijke vertraging door de elektronische overlegging ervan te vermijden, hun aanvraag tot deelneming of offerte over te leggen via een dubbele elektronische zending.
  Een eerste stap bestaat uit de overlegging van een vereenvoudigde zending die hun identiteit, de elektronische handtekening van hun volledige aanvraag tot deelneming of offerte en, in voorkomend geval, het bedrag van hun offerte omvat. Deze vereenvoudigde zending wordt elektronisch ondertekend. Haar ontvangst geldt als ontvangsttijdstip van de aanvraag tot deelneming of offerte.
  Een tweede stap omvat de overlegging van de eigenlijke aanvraag tot deelneming of offerte, die elektronisch ondertekend is om de integriteit van de gegevens van de aanvraag tot deelneming of offerte te certificeren.
  De ontvangst van de eigenlijke aanvraag tot deelneming of offerte gebeurt binnen een termijn die geen vierentwintig uur mag overschrijden na het uiterste ontvangsttijdstip van de aanvragen tot deelneming of de offertes, op straf van wering van de aanvraag tot deelneming of offerte;
  2° zowel een aanvraag tot deelneming of een offerte, overgelegd met elektronische middelen, in te dienen, als een veiligheidskopie, opgesteld met elektronische middelen of op papier. Deze veiligheidskopie wordt in een definitief gesloten envelop gestoken waarop duidelijk "veiligheidskopie" wordt vermeld en wordt binnen de opgelegde ontvangsttermijn ingediend. Deze kopie mag enkel worden geopend ingeval van een tekortkoming bij de overlegging, de ontvangst of de opening van de met elektronische middelen ingediende aanvraag tot deelneming of offerte. Ze vervangt in dat geval definitief het met elektronische middelen ingediend stuk. De veiligheidskopie van een offerte is voor het overige onderworpen aan de op offertes toepasselijke regels van dit besluit.
  De aanbestedende entiteit geeft in voorkomend geval in de aankondiging van opdracht of in de andere opdrachtdocumenten aan of ze de werkwijze sub 1°, de werkwijze sub 2° of beide toestaat.

Hoofdstuk 5. Selectie kandidaten en inschrijvers Toegangsrecht en kwalitatieve selectie
Sectie 1. Algemene bepalingen
Artikel 41 § 1. De aanbestedende entiteit gaat over tot de selectie van de kandidaten of inschrijvers in de mate dat de noodzakelijke inlichtingen en documenten aantonen dat ze cumulatief voldoen aan :
  1° de bepalingen betreffende het toegangsrecht tot de opdracht zoals omschreven in de artikelen 43 en 44;
  2° de kwalitatieve selectiecriteria van financiële, economische of technische aard of inzake beroepsbekwaamheid die de aanbestedende entiteit heeft vastgesteld overeenkomstig deze afdeling en afdeling 3. Zij preciseert deze criteria en het vereiste niveau ervan op zodanige wijze dat ze verband houden met en in verhouding staan tot het voorwerp van de opdracht. Bij open procedure is het opleggen van een minimaal niveau verplicht.
  De aanbestedende entiteit geeft in de aankondiging van opdracht of, bij ontstentenis daarvan, in de uitnodiging tot het indienen van een offerte aan welke de vastgestelde kwalitatieve selectiecriteria zijn en welke de te verstrekken noodzakelijke inlichtingen en documenten zijn.
  De aanbestedende entiteit mag aan sommige kandidaten of inschrijvers geen voorwaarden opleggen die niet voor anderen zouden gelden, noch proeven of verantwoordingen eisen indien daarvoor al objectieve bewijzen voorhanden zijn.
  § 2. Bij onderhandelingsprocedure met bekendmaking kan de aanbestedende entiteit kandidaten in aanmerking nemen die waren geselecteerd tijdens een vorige procedure waaraan ze geen gevolg heeft gegeven. De aankondiging van opdracht bevat de namen en adressen van de geselecteerden in kwestie.
  § 3. Mits een voldoende mededinging gewaarborgd wordt, kan de selectie steunen op de objectieve noodzakelijkheid om het aantal kandidaten te beperken tot een evenwicht bereikt wordt tussen de specifieke eigenschappen van een beperkte procedure of van een onderhandelingsprocedure met bekendmaking en de middelen die vereist zijn voor de verwezenlijking ervan.
  § 4. Bij opdrachten verdeeld in percelen kan de aanbestedende entiteit het minimale niveau bedoeld in § 1, eerste lid, 2°, bepalen, dat vereist is :
  1° voor elk perceel afzonderlijk;
  2° in geval van gunning van meerdere percelen aan dezelfde inschrijver.
  Wanneer de aanbestedende entiteit toepassing maakt van het eerste lid, 2°, onderzoekt ze bij de gunning van de percelen in kwestie, of er is voldaan aan het vereiste minimale niveau.
  § 5. Bij de gunningsbeslissing kan de aanbestedende entiteit de selectie van een reeds geselecteerde herzien, indien zijn persoonlijke situatie of bekwaamheid alsdan niet meer beantwoorden aan de op grond van paragraaf 1 bepaalde selectievoorwaarden.

Artikel 42 § 1. De aanbestedende entiteit kan :
  1° verlangen dat de kandidaten of inschrijvers de uit hoofde van de artikelen 41 tot 47 overgelegde inlichtingen en documenten aanvullen of nader toelichten. Zij kan ook, indien zij dit nodig acht, een vertaling van de documenten aan hen vragen, behalve indien het gaat om een document uitgaande van een overheidsinstantie dat in een van de officiële Belgische talen is opgesteld;
  2° in eender welk stadium van de gunningsprocedure en met alle middelen die zij dienstig acht inlichtingen inwinnen over de in artikel 41, § 1, bedoelde situatie van om het even welke kandidaat of inschrijver;
  3° in eender welk stadium van de gunningsprocedure van elke rechtspersoon de voorlegging eisen van zijn statuten of vennootschapsakten, eventueel vergezeld van een vertaling ervan indien die documenten niet opgesteld zijn in de taal of talen van de aanbestedende entiteit, evenals van elke wijziging van de inlichtingen betreffende zijn bestuurders of zaakvoerders.
  § 2. De aanbestedende entiteit die via elektronische middelen kosteloos toegang heeft tot de inlichtingen of documenten uitgaande van overheidsinstanties die haar in staat stellen de in artikel 41, § 1, bedoelde situatie van de betrokken kandidaten of inschrijvers na te gaan, stelt laatstgenoemden ervan vrij de in die artikelen bedoelde inlichtingen mee te delen of documenten voor te leggen.
  De aanbestedende entiteit vermeldt in de opdrachtdocumenten de inlichtingen of documenten welke ze via elektronische weg zal opvragen. Zij vraagt zelf deze inlichtingen of documenten op en bewaart de resultaten ervan in het administratief dossier.

Sectie 2. Toegangsrecht
Artikel 43 § 1. Overeenkomstig artikel 63 van de wet wordt in elk stadium van de gunningsprocedure uitgesloten van de toegang ertoe, de kandidaat of inschrijver die bij rechterlijke beslissing dat in kracht van gewijsde is gegaan waarvan de aanbestedende entiteit in kennis is gesteld, veroordeeld is voor :
  1° deelname aan een criminele organisatie als bedoeld in artikel 324bis van het Strafwetboek;
  2° omkoping als bedoeld in artikel 246 van het Strafwetboek;
  3° fraude als bedoeld in artikel 1 van de overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Gemeenschap, goedgekeurd door de wet van 17 februari 2002;
  4° witwassen van geld als bedoeld in artikel 5 van de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financieel stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme.
  Met het oog op de toepassing van deze paragraaf vraagt de aanbestedende entiteit aan de kandidaten of inschrijvers om de noodzakelijke inlichtingen of documenten over te leggen. Indien zij twijfels heeft over de persoonlijke situatie van die kandidaten of inschrijvers, kan zij de bevoegde binnenlandse of buitenlandse autoriteiten verzoeken om de inlichtingen die ze ter zake nodig acht.
  De aanbestedende entiteit kan om dwingende redenen van algemeen belang afwijken van de in deze paragraaf bedoelde verplichting.
  § 2. Overeenkomstig artikel 63 van de wet kan in elk stadium van de gunningsprocedure worden uitgesloten van de toegang ertoe, de kandidaat of inschrijver die :
  1° in staat van faillissement of van vereffening verkeert, die zijn werkzaamheden heeft gestaakt, die een gerechtelijke reorganisatie ondergaat, of die in een overeenstemmende toestand verkeert als gevolg van een gelijkaardige procedure die bestaat in andere nationale reglementeringen;
  2° aangifte heeft gedaan van zijn faillissement, voor wie een procedure van vereffening of gerechtelijke reorganisatie aanhangig is, of die het voorwerp is van een gelijkaardige procedure bestaande in andere nationale reglementeringen;
  3° bij rechterlijke beslissing die in kracht van gewijsde is gegaan, veroordeeld is geweest voor een misdrijf dat zijn professionele integriteit aantast;
  4° bij zijn beroepsuitoefening een ernstige fout heeft begaan;
  5° niet voldaan heeft aan zijn verplichtingen inzake betaling van zijn sociale zekerheidsbijdragen;
  6° niet in orde is met de betaling van zijn belastingen volgens de Belgische wetgeving of die van het land waar hij gevestigd is;
  7° zich in ernstige mate heeft schuldig gemaakt aan het afleggen van valse verklaringen bij het verstrekken van inlichtingen, opeisbaar bij toepassing van dit hoofdstuk, of die deze inlichtingen niet heeft verstrekt.
  § 3. Het bewijs dat de kandidaat of inschrijver zich niet in één van de gevallen, vermeld in de paragrafen 1 en 2, bevindt, kan geleverd worden door :
  1° voor paragraaf 1 en paragraaf 2, 1°, 2° of 3° : een uittreksel uit het strafregister of een evenwaardig document uitgereikt door een gerechtelijke of overheidsinstantie van het land van oorsprong of herkomst en waaruit blijkt dat aan de gestelde eisen is voldaan;
  2° voor paragraaf 2, 5° en 6° : een attest uitgereikt door de bevoegde overheid van het betrokken land;
  3° voor paragraaf 2, 4° en 7° : elk middel dat de aanbestedende entiteit aannemelijk kan maken.
  Wanneer een document of attest als bedoeld in de punten 1° en 2° van het eerste lid, is vereist, niet wordt uitgereikt in het betrokken land of daarin niet alle in paragraaf 1 en in paragraaf 2, 1°, 2° of 3°, bedoelde gevallen worden vermeld, kan het worden vervangen door een verklaring onder eed of, in landen waar niet in een eed is voorzien, door een plechtige verklaring van de betrokkene voor een gerechtelijke of overheidsinstantie, een notaris of een bevoegde beroepsorganisatie van het land van oorsprong of herkomst.
  § 4. De aanbestedende entiteit kan in de opdrachtdocumenten toestaan dat de kandidaten of inschrijvers een verklaring op erewoord afleggen dat ze zich niet in één van de uitsluitingsgevallen bedoeld in paragrafen 1 en 2 bevinden. De opdrachtdocumenten kunnen bepalen dat ze deze verklaring afleggen door het enkele feit van deel te nemen aan de gunningsprocedure.
  In deze gevallen gaat de aanbestedende entiteit de toestand na van :
  1° de voor selectie in aanmerking komende kandidaten, alvorens de selectiebeslissing te nemen;
  2° de als opdrachtnemer in aanmerking komende inschrijver, alvorens de gunningsbeslissing te nemen.

Artikel 44 De bepalingen van deze afdeling zijn individueel toepasselijk op alle deelnemers die:
  1° zich samen kandidaat stellen en de intentie hebben om, in geval van selectie, samen een combinatie zonder rechtspersoonlijkheid op te richten;
  2° of samen een offerte indienen als combinatie zonder rechtspersoonlijkheid.

Sectie 3. Kwalitatieve selectie
Artikel 45 Een kandidaat of een inschrijver kan zich voor welbepaalde opdrachten beroepen op de economische en financiële draagkracht, alsook op de technische en beroepsbekwaamheid van andere entiteiten, ongeacht de juridische aard van zijn band met die entiteiten. In dat geval toont hij de aanbestedende entiteit aan dat hij zal beschikken over de voor de uitvoering van de opdracht noodzakelijke middelen, met name door overlegging van de verbintenis van deze entiteiten om de kandidaat of inschrijver dergelijke middelen ter beschikking te stellen. Op deze entiteiten is artikel 43 toepasselijk.
  Onder dezelfde voorwaarden kan een combinatie van kandidaten of van inschrijvers zich beroepen op de draagkracht van de deelnemers aan de combinatie of van andere entiteiten.
  De aanbestedende entiteit kan in de opdrachtdocumenten voor een kandidaat of een inschrijver de mogelijkheid beperken om zich te beroepen op de draagkracht van andere entiteiten wanneer aan deze laatste het toegangsrecht is ontzegd op grond van artikel 64 van de wet.

Artikel 46 Wanneer de aanbestedende entiteit de overlegging verlangt van door onafhankelijke instanties opgestelde verklaringen dat de kandidaat of inschrijver aan bepaalde kwaliteitsnormen voldoet, dient ze te verwijzen naar kwaliteitsbewakingsregelingen die op de Europese normenreeksen op dit terrein zijn gebaseerd en die zijn gecertificeerd door instanties die voldoen aan de Europese normenreeks voor certificering. Ze erkent gelijkwaardige certificaten van in andere lidstaten gevestigde instanties. Ze aanvaardt eveneens andere bewijzen inzake gelijkwaardige maatregelen op het vlak van kwaliteitsbewaking.

Artikel 47 Wanneer de aanbestedende entiteit voor een opdracht voor werken of diensten, en enkel in passende gevallen, de overlegging verlangt van een door onafhankelijke instanties opgestelde verklaring dat de kandidaat of inschrijver aan bepaalde normen inzake milieubeheer voldoet, verwijst ze naar het communautaire milieubeheer- en milieuauditsysteem (EMAS) of naar normen inzake milieubeheer die gebaseerd zijn op de desbetreffende Europese of internationale normen die gecertificeerd zijn door instanties die beantwoorden aan het recht van de Europese Unie of aan de toepasselijke Europese of internationale normen voor certificering. Ze erkent gelijkwaardige certificaten van in andere lidstaten gevestigde instanties. Ze aanvaardt tevens andere bewijzen inzake gelijkwaardige maatregelen op het vlak van milieubeheer.

Hoofdstuk 6. Gunning bij onderhandelingsprocedure
Artikel 48 Behoudens andersluidende bepaling in de opdrachtdocumenten, zijn niet toepasselijk op de onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking :
  - de artikelen 5, 38 en 40;
  - hoofdstuk 5.
  Artikel 43, §§ 1 en 2, 5° en 6°, is evenwel toepasselijk op de onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking.

Artikel 49 Overeenkomstig de artikelen 67 en 68 van de wet van 15 juni 2006, wordt bij een onderhandelingsprocedure, de opdracht gegund, hetzij aan de inschrijver die de laagste offerte heeft ingediend, hetzij aan de inschrijver die de offerte heeft ingediend die de economisch voordeligste is vanuit het oogpunt van de aanbestedende entiteit. In dit laatste geval specificeert de aanbestedende entiteit in de opdrachtdocumenten de weging van elk gunningscriterium. Deze weging kan eventueel worden uitgedrukt binnen een vork met een passend verschil tussen minimum en maximum. Indien een dergelijke weging om aantoonbare redenen niet mogelijk is, worden de criteria vermeld in dalende volgorde van belangrijkheid.
  Het vorige lid is niet toepasselijk op :
  1° de opdrachten voor diensten bedoeld in bijlage II, B, van de wet;
  2° de diverse gevallen van onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking waarvoor slechts één aannemer, leverancier of dienstverlener kan worden geraadpleegd.

Artikel 50 De aanbestedende entiteit onderhandelt met de inschrijvers over hun offertes om de beste offerte te kiezen vanuit haar oogpunt.

Hoofdstuk 7. Specifieke of aanvullende opdrachten en procedures
Sectie 1. Dynamisch aankoopsysteem
Artikel 51 Bij het opzetten van een dynamisch aankoopsysteem binnen de voorwaarden van artikel 67bis van de wet gaat de aanbestedende entiteit als volgt te werk :
  1° ze maakt een aankondiging van opdracht bekend opgesteld overeenkomstig het model opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011, geeft daarbij aan dat het om een dynamisch aankoopsysteem gaat en vermeldt de eisen inzake selectie overeenkomstig artikel 41, § 1, de gunningscriteria en het internetadres waar de opdrachtdocumenten kunnen worden geraadpleegd;
  2° in de opdrachtdocumenten verstrekt ze nadere gegevens over onder andere de aard van de overwogen leveringen of diensten voor courant gebruik, alle nodige informatie omtrent het aankoopsysteem, de looptijd ervan, de gebruikte elektronische apparatuur en de nadere technische bepalingen en specificaties voor de verbinding;
  3° tegelijk met de bekendmaking van de opdracht en tot aan het afsluiten van het systeem biedt ze langs elektronische weg een vrije, rechtstreekse, onmiddellijke en volledige toegang tot de opdrachtdocumenten.

Artikel 52 Elke leverancier of dienstverlener heeft tijdens de gehele duur van het dynamisch aankoopsysteem de mogelijkheid een indicatieve offerte in overeenstemming met de opdrachtdocumenten in te dienen, teneinde tot het systeem te worden toegelaten, of zijn vorige indicatieve offerte te wijzigen. Elke gewijzigde indicatieve offerte geldt als een nieuwe indicatieve offerte.
  De aanbestedende entiteit beslist over de selectie van de deelnemer en beoordeelt zijn indicatieve offerte binnen een termijn van vijftien dagen na de indiening. Ze kan de beoordelingsperiode echter verlengen, op voorwaarde dat er intussen geen in mededingingstelling gebeurt.

Artikel 53 Voor elke specifieke opdracht gebeurt een in mededingingstelling overeenkomstig artikel 54.
  Vooraleer daartoe over te gaan maakt de aanbestedende entiteit een vereenvoudigde aankondiging van opdracht bekend opgesteld overeenkomstig het model opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011. Daarin worden de geïnteresseerde leveranciers of dienstverleners uitgenodigd om overeenkomstig artikel 52 een indicatieve offerte in te dienen binnen een termijn van ten minste vijftien dagen te rekenen vanaf de verzendingsdatum van de vereenvoudigde aankondiging. De deelnemers die reeds in het systeem zijn aanvaard, kunnen eventueel een nieuwe indicatieve offerte indienen. In deze gevallen gaat de aanbestedende entiteit pas over tot de in mededingingstelling na beslist te hebben over de selectie van de nieuwe deelnemers en na alle binnen deze termijn ingediende indicatieve offertes beoordeeld te hebben.

Artikel 54 De aanbestedende entiteit nodigt alle in het systeem aanvaarde deelnemers uit om voor elke specifieke opdracht die binnen dat systeem zal worden geplaatst een definitieve offerte in te dienen. Daartoe stelt ze een voldoende lange termijn vast. In de uitnodiging kunnen desgevallend de gunningscriteria worden gepreciseerd.
  Behoudens andersluidende bepaling in de opdrachtdocumenten kan de inschrijver in zijn definitieve offerte verwijzen naar het geheel of een deel van zijn indicatieve offerte.
  De aanbestedende entiteit gunt de opdracht aan de inschrijver die de beste offerte heeft ingediend op grond van het gunningscriterium of de gunningscriteria.

Artikel 55 De looptijd van een dynamisch aankoopsysteem mag niet meer dan vier jaar bedragen vanaf de eerste in mededingingstelling overeenkomstig artikel 54, behalve in behoorlijk gemotiveerde uitzonderlijke gevallen.
  Aan de leveranciers of dienstverleners mogen, in welk stadium van het systeem dan ook, geen administratiekosten worden aangerekend.

Sectie 2. Elektronische veiling
Artikel 56 De elektronische veiling kan worden aangewend in de gevallen bedoeld in artikel 67ter van de wet, op voorwaarde dat de prijs het enige gunningscriterium is.

Artikel 57 Om gebruik te kunnen maken van een elektronische veiling, vermeldt de aanbestedende entiteit deze mogelijkheid in de initiële aankondiging van opdracht.
  De opdrachtdocumenten bevatten onder andere de volgende informatie :
  1° de informatie die tijdens de elektronische veiling ter beschikking van de inschrijvers zal worden gesteld en het tijdstip waarop;
  2° relevante informatie betreffende het verloop van de elektronische veiling;
  3° de voorwaarden waaronder de inschrijvers een bod kunnen doen en met name de vereiste minimumverschillen die in voorkomend geval voor de biedingen vereist zijn;
  4° relevante informatie betreffende het gebruikte elektronisch systeem en de nadere technische bepalingen en specificaties voor de verbinding.

Artikel 58 Alvorens over te gaan tot de elektronische veiling, doet de aanbestedende entiteit een eerste volledige beoordeling van de ingediende offertes.
  Alle inschrijvers die voldoen aan de door de aanbestedende entiteit bepaalde eisen inzake selectie overeenkomstig artikel 41, § 1, en die een regelmatige offerte hebben ingediend, worden tegelijkertijd via elektronische middelen uitgenodigd om nieuwe prijzen in te dienen.
  De uitnodiging bevat eventueel aangepaste informatie voor de individuele verbinding met het gebruikte elektronisch systeem. Ze preciseert de datum en het aanvangsuur van de elektronische veiling evenals, in voorkomend geval, de opeenvolgende fases en hun tijdschema en afsluitingswijze.
  De elektronische veiling kan pas beginnen na het verstrijken van een termijn van minstens vijf dagen vanaf de datum van verzending van de uitnodiging.

Artikel 59 § 1. In afwijking van artikel 40, § 1, worden de biedingen niet elektronisch ondertekend, maar is de inschrijver erdoor gebonden indien ze worden ingediend op de wijze bepaald in de opdrachtdocumenten en eventueel de uitnodiging.
  § 2. Tijdens de duur van de veiling en elke fase ervan deelt de aanbestedende entiteit ogenblikkelijk aan alle inschrijvers ten minste de informatie mee die hen de mogelijkheid biedt op elk moment hun rangschikking te kennen. De aanbestedende entiteit kan ook informatie betreffende de prijzen van de andere inschrijvers meedelen indien dat in de opdrachtdocumenten is vermeld. Ze kan tevens op ieder ogenblik meedelen hoeveel inschrijvers aan de fase van de veiling deelnemen, maar in geen geval hun identiteit bekendmaken.
  Noch gedurende de veiling, noch na afloop ervan, kan de inschrijver zijn laatste bod intrekken.

Artikel 60 De aanbestedende entiteit kiest een of meer van de onderstaande wijzen om de elektronische veiling af te sluiten :
  1° op de datum en het uur vermeld in de uitnodiging om deel te nemen aan de veiling;
  2° wanneer er geen nieuwe prijzen meer worden ontvangen die beantwoorden aan de vereiste minimumverschillen. In dit geval preciseert de aanbestedende entiteit in de uitnodiging om deel te nemen aan de veiling de termijn die ze na ontvangst van de laatste bieding in acht zal nemen alvorens de veiling af te sluiten;
  3° wanneer alle fases van de veiling die in de uitnodiging om deel te nemen aan de veiling zijn vermeld, afgehandeld zijn.

Artikel 61 Na de sluiting van de elektronische veiling gunt de aanbestedende entiteit de opdracht op basis van het resultaat van de veiling.
  Wanneer meerdere inschrijvers dezelfde laagste prijs hebben geboden, gaat de aanbestedende overheid bij aanbesteding over tot een elektronische loting. Bij onderhandelingsprocedure kiest zij in dat geval tussen een elektronische loting of een laatste onderhandeling over de prijs.

Sectie 3. Ontwerpenwedstrijd
  Onderafdeling 1. - Toepassingsvoorwaarden en jury

Artikel 62 De ontwerpenwedstrijd leidt hetzij tot de keuze van één of meer ontwerpen, hetzij tot deze keuze gepaard gaande met de gunning van een opdracht voor diensten op grond van artikel 66, § 2, 5°, van de wet.
  De wedstrijd kan ook de keuze van een ontwerper beogen, zonder dat deze keuze gekoppeld is aan een uitgewerkt ontwerp. In die zin kan het woord "ontwerp" in deze afdeling eveneens betrekking hebben op een "ontwerper voor een bepaald project".
  Deze keuzes gebeuren op basis van de beoordelingscriteria.

Artikel 63 § 1.Voor een ontwerpenwedstrijd gelden naast de voorschriften van artikel 67quinquies, tweede lid van de wet de volgende regels :
  1° de aanbestedende entiteit bepaalt de eisen inzake selectie overeenkomstig artikel 41, § 1, en vermeldt deze eisen in de aankondiging van de wedstrijd. De kwalitatieve selectiecriteria dienen duidelijk en niet-discriminerend te zijn;
  2° indien de wedstrijd een eerste fase met de indiening van aanvragen tot deelneming omvat, is het aantal geselecteerden dat wordt uitgenodigd om een ontwerp in te dienen voldoende om een daadwerkelijke mededinging te waarborgen;
  3° de beoordelingscriteria worden vermeld in de aankondiging van de wedstrijd.
  § 2. De wedstrijddocumenten bepalen de samenstelling van de jury en haar wijze van optreden.
  De jury bestaat uitsluitend uit natuurlijke personen, minimum vijf in aantal, die onafhankelijk zijn van de deelnemers aan de wedstrijd. Minstens één van hen behoort niet tot de aanbestedende entiteit.
  Indien van de deelnemers aan de wedstrijd een bijzondere beroepskwalificatie vereist wordt, beschikt minstens één derde van de juryleden over diezelfde of een gelijkwaardige beroepskwalificatie.
  De wedstrijddocumenten bepalen of de jury een beslissings- of adviesbevoegdheid heeft. De jury is autonoom en moet in elk geval haar advies of beslissing motiveren.
  § 3. De wedstrijddocumenten bepalen het eventueel toekennen van prijzengeld voor de best gerangschikte ontwerpen of van vergoedingen voor de deelnemers. Het prijzengeld wordt door de aanbestedende entiteit toegekend met verplicht behoud van de door de jury opgestelde rangschikking. De aanbestedende entiteit kan het prijzengeld of de vergoedingen ook geheel of gedeeltelijk niet toekennen indien ze oordeelt dat de ontwerpen niet voldoen.
  § 4. De wedstrijddocumenten bepalen nauwkeurig de respectieve rechten van de aanbestedende entiteit en de ontwerpers inzake de eigendom en het gebruik van de ontwerpen.

Artikel 64 De ontwerpen worden anoniem aan de jury voorgesteld. De anonimiteit wordt geëerbiedigd tot de beslissing of het advies van de jury bekend is.
  Vóór het verstrijken van de termijn voor ontvangst van de ontwerpen neemt de jury geen kennis van de inhoud ervan.
  Ze evalueert de ontwerpen op grond van de criteria bedoeld in artikel 63, § 1, 5°.
  Ze stelt een door alle leden ondertekend proces-verbaal op, waarin ze de keuze van de ontwerpen motiveert op basis van hun afzonderlijke verdiensten en waarin ze haar opmerkingen en de eventuele punten die verduidelijking vergen, opneemt.
  De deelnemers kunnen desgevallend worden uitgenodigd om de in het proces-verbaal vermelde opmerkingen en vragen te beantwoorden.
  Van de dialoog tussen de juryleden en de deelnemers wordt eveneens een volledig proces-verbaal opgesteld.

  Onderafdeling 2. - Raming en bekendmaking

Artikel 65 § 1. De ontwerpenwedstrijd is onderworpen aan de verplichte voorafgaande bekendmaking in de volgende gevallen :
  1° wanneer de ontwerpenwedstrijd georganiseerd wordt in het kader van de gunningsprocedure van een opdracht voor diensten waarvan het geraamde bedrag, met inbegrip van het totale bedrag van de premies en de betalingen aan de deelnemers, gelijk is aan of hoger is dan de drempel vermeld in artikel 22;
  2° in alle gevallen van ontwerpenwedstrijd waarvoor het totale bedrag van de premies en de betalingen aan de deelnemers gelijk is aan of hoger is dan de drempel vermeld in artikel 22. Het geraamde bedrag van de opdracht die achteraf kan worden geplaatst, wordt ook in aanmerking genomen, tenzij de aanbestedende entiteit de plaatsing van deze opdracht heeft uitgesloten in de aankondiging van ontwerpenwedstrijd.
  § 2. De aanbestedende entiteit moet de datum van verzending kunnen bewijzen.

Artikel 66 Inzake de bekendmakingsvoorschriften van hoofdstuk 3 zijn enkel de artikelen 19 tot 22 van toepassing op de wedstrijd.
  De aankondiging van wedstrijd wordt bekendgemaakt volgens het model opgenomen in de Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011.

Artikel 67 Wanneer het een wedstrijd betreft waarvoor een voorafgaande bekendmaking verplicht is of die betrekking heeft op diensten bedoeld in bijlage II, B, van de wet die de drempel vermeld in artikel 22 bereiken, wordt een aankondiging van de resultaten van de wedstrijd bekendgemaakt volgens het model opgenomen in Uitvoeringsverordening (EU) nr. 842/2011.
  De aankondiging wordt naar het Publicatieblad van de Europese Unie verzonden binnen een termijn van twee maanden na de keuze van het ontwerp of de ontwerpen. Zij mag eveneens naar het Bulletin der Aanbestedingen verzonden worden.
  Bepaalde gegevens betreffende de resultaten van de wedstrijd mogen niet meegedeeld worden indien de openbaarmaking ervan de toepassing van een wet zou belemmeren, in strijd zou zijn met het algemeen belang, nadelig zou zijn voor de rechtmatige commerciële belangen van de overheidsbedrijven of particuliere ondernemingen, of de eerlijke mededinging tussen de dienstverleners zou kunnen schaden.

Titel 3. Opdrachten geplaatst door bepaalde overheidsbedrijven of inzake de productie van elektriciteit
Artikel 68 De bepalingen van dit besluit zijn van toepassing op de opdrachten van de overheidsbedrijven bedoeld in artikel 72, eerste lid, van de wet, wanneer de geraamde waarde van die opdrachten de drempels vermeld in artikel 22 van dit besluit bereiken.
  Deze bepalingen zijn onder dezelfde voorwaarden van toepassing op de opdrachten van de aanbestedende overheden bedoeld in artikel 72, tweede lid, van de wet voor de opdrachten die betrekking hebben op de productie van elektriciteit.

Titel 4. Slotbepalingen
Artikel 69 Indien de Eerste Minister of de minister bevoegd voor economie daarom verzoekt, worden alle nodige statistische en andere gegevens met betrekking tot gegunde opdrachten, die onder de toepassing van de wet en dit besluit vallen, aan hen meegedeeld volgens de nadere regels die zij in overleg met de gewestelijke overheden bepalen.

Artikel 70 De aanbestedende entiteit bewaart alle documenten betreffende de gunning van de opdracht of van de concessie voor openbare werken ten minste gedurende tien jaar vanaf de gunningsdatum of, eventueel, vanaf de datum waarop werd afgezien van het gunnen van de opdracht.
  De volgende informatie mag op een elektronische drager worden bewaard :
  - een schriftelijk stuk dat is opgesteld met elektronische middelen conform artikel 40, § 1;
  - een schriftelijk stuk dat niet is opgesteld met elektronische middelen conform artikel 40, § 1, en geen verplichte handtekening noch paraaf bevat;
  - de gegevens betreffende het verloop van het dynamisch aankoopsysteem of de elektronische veiling of een andere elektronisch gevoerde gunningsprocedure.
  De toepassing van dit artikel doet geen afbreuk aan de naleving van een langere bewaartermijn opgelegd ingevolge regels die verband houden met bepaalde soorten opdrachten of door andere bijzondere bepalingen.

Artikel 71Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2013.
  [Het koninklijk besluit van 18 juni 1996] betreffende de mededinging in het raam van de Europese Gemeenschap van sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten blijven evenwel toepasselijk op de overheidsopdrachten, de opdrachten en de concessies voor openbare werken die vóór 1 juli 2013 zijn bekendgemaakt of hadden moeten worden bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie of in het Bulletin der Aanbestedingen, alsook voor de overheidsopdrachten, de opdrachten en de concessies voor openbare werken waarvoor, bij ontstentenis van een verplichting tot voorafgaande bekendmaking, vóór deze datum werd uitgenodigd tot het indienen van een aanvraag tot deelneming of van een offerte. <Rechtzetting, B. St. 2013-07-05, P. 42252>.
  [4 Het koninklijk besluit van 18 juni 1996 betreffende de mededinging in het raam van de Europese Gemeenschap van sommige opdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten in de sectoren water, energie, vervoer en postdiensten wordt opgeheven.]4

Artikel 72 De Eerste Minister, de minister bevoegd voor economie en de minister bevoegd voor administratieve vereenvoudiging zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

  BIJLAGEN.

Artikel N1Bijlage 1. - [Aanbestedende entiteiten als bedoeld in artikel 3 van het koninklijk besluit]. <Rechtzetting, B. St. 2013-07-05, P. 42252>.
  - Brussels Airport Company;
  - EBCF, de beheersmaatschappij van de luchthaven van Cerfontaine.

Artikel N2 Bijlage 2. - NUTS Code
  BE BELGIE
  * BE 1 BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
  o BE10 Brussels Hoofdstedelijk Gewest
  * BE100 Arr. van Brussel-Hoofdstad
  * BE2 VLAAMS GEWEST
  o BE21 Prov. Antwerpen
  * BE211 Arr. Antwerpen
  * BE212 Arr. Mechelen
  * BE213 Arr. Turnhout
  o BE22 Prov. Limburg (B)
  * BE221 Arr. Hasselt
  * BE222 Arr. Maaseik
  * BE223 Arr. Tongeren
  o BE23 Prov. Oost-Vlaanderen
  * BE231 Arr. Aalst
  * BE232 Arr. Dendermonde
  * BE233 Arr. Eeklo
  * BE234 Arr. Gent
  * BE235 Arr. Oudenaarde
  * BE236 Arr. Sint-Niklaas
  o BE24 Prov. Vlaams-Brabant
  * BE241 Arr. Halle-Vilvoorde
  * BE242 Arr. Leuven
  o BE25 Prov. West-Vlaanderen
  * BE251 Arr. Brugge
  * BE252 Arr. Diksmuide
  * BE253 Arr. Ieper
  * BE254 Arr. Kortrijk
  * BE255 Arr. Oostende
  * BE256 Arr. Roeselare
  * BE257 Arr. Tielt
  * BE258 Arr. Veurne
  BE3 REGION WALLONNE
  o BE31 Prov. Brabant wallon
  * BE310 Arr. Nivelles
  o BE32 Prov. Hainaut
  * BE321 Arr. Ath
  * BE322 Arr. Charleroi
  * BE323 Arr. Mons
  * BE324 Arr. Mouscron
  * BE325 Arr. Soignies
  * BE326 Arr. Thuin
  * BE327 Arr. Tournai
  o BE33 Prov. Liège
  * BE331 Arr. Huy
  * BE332 Arr. Liège
  * BE334 Arr. Waremme
  * BE335 Arr. Verviers - communes francophones
  * BE336 -Bezirk Verviers - Deutschsprachige Gemeinschaft
  o BE34 Prov. Luxembourg (B)
  * BE341 Arr. Arlon
  * BE342 Arr. Bastogne
  * BE343 Arr. Marche-en-Famenne
  * BE344 Arr. Neufchâteau
  * BE345 Arr. Virton
  o BE35 Prov. Namur
  * BE351 Arr. Dinant
  * BE352 Arr. Namur
  * BE353 Arr. Philippeville
  BEZ EXTRA-REGIO
  o BEZZ Extra-Regio
  * BEZZZ Extra-Regio