We are very happy to see that you like our platform! At the same time, you have reached the limit of use... Sign up now to continue.
Koninklijk besluit in uitvoering van artikel 36, § 5, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen.
- Section :
- Legislation
- Source :
- Numac 2005022870
Original text :
Add the document to a folder
()
to start annotating it.
Artikel 1 § 1. Voor de periode bedoeld in artikel 36, § 1, 1°, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen wordt de jaarlijkse bijdrage bedoeld in artikel 36, § 5, van hetzelfde besluit vastgesteld als volgt :
60 procent van de bijdrage bedoeld in artikel 12, § 1, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, berekend op het inkomstenbedrag bedoeld in artikel 12, § 1ter, van hetzelfde besluit dat geldt voor het jaar waarin de aanvraag tot gelijkstelling wordt gedaan.
§ 2. Voor de periode bedoeld in artikel 36, § 1, 2°, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen wordt de jaarlijkse bijdrage bedoeld in artikel 36, § 5, van hetzelfde besluit vastgesteld als volgt :
de bijdrage bedoeld in artikel 12, § 1, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, berekend op het inkomstenbedrag bedoeld in artikel 12, § 1ter, van hetzelfde besluit dat geldt voor het jaar waarin de aanvraag tot gelijkstelling wordt gedaan.
§ 3. Voor de periode bedoeld in artikel 36, § 1, 3°, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen wordt de jaarlijkse bijdrage bedoeld in artikel 36, § 5, van hetzelfde besluit vastgesteld volgens de in de bijlage bij dit besluit gevoegde tabel.
Artikel 2 Dit besluit heeft uitwerking vanaf de dag van publicatie in het Belgisch Staatsblad en houdt op uitwerking te hebben op 31 december 2009.
Artikel 3 Onze Minister van Middenstand en Onze Minister van Pensioenen zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 3 oktober 2005.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Middenstand,
Mevr. S. LARUELLE
De Minister van Pensioenen,
B. TOBBACK
BIJLAGE.
Artikel N Bijdrage verschuldigd voor de gelijkgestelde periodes bedoeld in artikel 1, § 3, van Ons besluit van 3 oktober 2005 in uitvoering van artikel 36, § 5, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen :
Leeftijd van de aanvrager Eenmalige te betalen premie
per gelijk te stellen kalenderkwartaal
(in EUR)
- -
1942 743,9329
1943 723,2285
1944 703,5394
1945 684,7691
1946 666,8333
1947 649,6583
1948 633,1798
1949 617,3411
1950 602,0923
1951 587,3894
1952 573,1934
1953 559,4698
1954 546,1876
1955 533,3196
1956 520,8412
1957 508,7302
1958 496,9669
1959 485,5335
1960 474,4137
1961 463,5928
1962 453,0574
1963 442,7954
1964 432,7955
1965 423,0473
1966 413,5415
1967 404,2691
1968 395,2221
1969 386,3927
1970 377,7740
Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 3 oktober 2005 in uitvoering van artikel 36, § 5, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Middenstand,
Mevr. S. LARUELLE
De Minister van Pensioenen,
B. TOBBACK.
60 procent van de bijdrage bedoeld in artikel 12, § 1, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, berekend op het inkomstenbedrag bedoeld in artikel 12, § 1ter, van hetzelfde besluit dat geldt voor het jaar waarin de aanvraag tot gelijkstelling wordt gedaan.
§ 2. Voor de periode bedoeld in artikel 36, § 1, 2°, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen wordt de jaarlijkse bijdrage bedoeld in artikel 36, § 5, van hetzelfde besluit vastgesteld als volgt :
de bijdrage bedoeld in artikel 12, § 1, eerste lid, 1°, van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen, berekend op het inkomstenbedrag bedoeld in artikel 12, § 1ter, van hetzelfde besluit dat geldt voor het jaar waarin de aanvraag tot gelijkstelling wordt gedaan.
§ 3. Voor de periode bedoeld in artikel 36, § 1, 3°, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen wordt de jaarlijkse bijdrage bedoeld in artikel 36, § 5, van hetzelfde besluit vastgesteld volgens de in de bijlage bij dit besluit gevoegde tabel.
Artikel 2 Dit besluit heeft uitwerking vanaf de dag van publicatie in het Belgisch Staatsblad en houdt op uitwerking te hebben op 31 december 2009.
Artikel 3 Onze Minister van Middenstand en Onze Minister van Pensioenen zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 3 oktober 2005.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Middenstand,
Mevr. S. LARUELLE
De Minister van Pensioenen,
B. TOBBACK
BIJLAGE.
Artikel N Bijdrage verschuldigd voor de gelijkgestelde periodes bedoeld in artikel 1, § 3, van Ons besluit van 3 oktober 2005 in uitvoering van artikel 36, § 5, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen :
Leeftijd van de aanvrager Eenmalige te betalen premie
per gelijk te stellen kalenderkwartaal
(in EUR)
- -
1942 743,9329
1943 723,2285
1944 703,5394
1945 684,7691
1946 666,8333
1947 649,6583
1948 633,1798
1949 617,3411
1950 602,0923
1951 587,3894
1952 573,1934
1953 559,4698
1954 546,1876
1955 533,3196
1956 520,8412
1957 508,7302
1958 496,9669
1959 485,5335
1960 474,4137
1961 463,5928
1962 453,0574
1963 442,7954
1964 432,7955
1965 423,0473
1966 413,5415
1967 404,2691
1968 395,2221
1969 386,3927
1970 377,7740
Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 3 oktober 2005 in uitvoering van artikel 36, § 5, van het koninklijk besluit van 22 december 1967 houdende algemeen reglement betreffende het rust- en overlevingspensioen der zelfstandigen.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Middenstand,
Mevr. S. LARUELLE
De Minister van Pensioenen,
B. TOBBACK.